Uitspraak · Vreemdelingenrecht

Rechtbank Den Haag, 21 november 2025

ECLI:NL:RBDHA:2025:22381Zaaknummer NL23.29337 H

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
21 november 2025
Publicatiedatum
27 november 2025
Zaaknummer
NL23.29337 H
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Middelburg
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Hersteluitspraak, pkv.

Beslissing

De rechtbank verbetert haar uitspraak van 30 oktober 2025 met zaaknummer NL23.29337 door in het dictum op te nemen:

De rechtbank:- verklaart het beroep voor zover gericht tegen het niet-tijdig nemen van een besluit op de asielaanvraag niet-ontvankelijk;- verklaart het beroep voor zover gericht tegen het bestreden besluit van 8 november 2023 gegrond;- vernietigt het bestreden besluit;- bepaalt dat de rechtsgevolgen van het vernietigde bestreden besluit in stand blijven- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 2.267,50.

Deze uitspraak is gedaan op 21 november 2025 door mr. M.J. Schouw, rechter, in aanwezigheid van mr. Ż.A. Meinert, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

Afschrift verzonden aan partijen op:

Tegen deze hersteluitspraak staat geen rechtsmiddel open. Voorts brengt deze uitspraak geen wijziging in de termijn voor hoger beroep tegen de oorspronkelijke uitspraak.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. [eiser], eiser
  2. Overwegingen
  3. Beslissing

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

zaaknummer: NL23.29337

uitspraak van de enkelvoudige kamer ter verbetering van de uitspraak van 30 oktober 2025 in de zaak tussen

[eiser], eiser

V-nummer: [V-nummer],

(gemachtigde: mr. M. Spapens),

en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder, voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid

(gemachtigde: mr. H.J. Toonders).

Overwegingen

Naar aanleiding van het bericht van de gemachtigde van eiser van 1 november 2025 in het digitale dossier heeft de rechtbank vastgesteld dat haar einduitspraak van 30 oktober 2025 een kennelijke misslag bevat die zich voor eenvoudig herstel leent. Die misslag heeft betrekking op de hoogte van de proceskostenveroordeling nu de rechtbank reeds in haar tussenuitspraak van 13 februari 2025 heeft overwogen dat de rechtbank verweerder zal veroordelen in de bij einduitspraak te begroten proceskosten van eiser voor zover het beroep is gericht tegen het niet-tijdig beslissen. De rechtbank stelt op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht de kosten voor een door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 2.267,50 (2,5 punt, waarvan 1 punt voor het indienen van het beroepschrift, 0,5 punt voor het aanvullen van de beroepsgronden en 1 punt voor het deelnemen aan de zitting, met een waarde per punt van € 907).

De rechtbank zal daarom de beslissing als volgt aanpassen.

Beslissing

De rechtbank verbetert haar uitspraak van 30 oktober 2025 met zaaknummer NL23.29337 door in het dictum op te nemen:

De rechtbank:- verklaart het beroep voor zover gericht tegen het niet-tijdig nemen van een besluit op de asielaanvraag niet-ontvankelijk;- verklaart het beroep voor zover gericht tegen het bestreden besluit van 8 november 2023 gegrond;- vernietigt het bestreden besluit;- bepaalt dat de rechtsgevolgen van het vernietigde bestreden besluit in stand blijven- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 2.267,50.

Deze uitspraak is gedaan op 21 november 2025 door mr. M.J. Schouw, rechter, in aanwezigheid van mr. Ż.A. Meinert, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

Afschrift verzonden aan partijen op:

Tegen deze hersteluitspraak staat geen rechtsmiddel open. Voorts brengt deze uitspraak geen wijziging in de termijn voor hoger beroep tegen de oorspronkelijke uitspraak.

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.