Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Den Haag, 24 oktober 2025

ECLI:NL:RBDHA:2025:20787Zaaknummer C/09/676175 / FA RK 24-8427

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
24 oktober 2025
Publicatiedatum
11 november 2025
Zaaknummer
C/09/676175 / FA RK 24-8427
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Beschikking
Zittingsplaats
Den Haag
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Hoofdverblijfplaats. Referteverklaring.

De rechtbank:

bepaalt dat de minderjarigen:

  • [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2018 te [geboorteplaats 1];
  • [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2021 te [geboorteplaats 2];

de hoofdverblijfplaats zullen hebben bij de moeder;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. E.D.A. Geleijns, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. M.J.W. Straatsma als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 24 oktober 2025.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Gezagsuitoefening
  2. Procedure
  3. Beoordeling
  4. Beslissing

Rechtbank DEN HAAG

Enkelvoudige Kamer

Rekestnummer: FA RK 24-8427

Zaaknummer: C/09/676175

Datum beschikking: 24 oktober 2025

Gezagsuitoefening

Beschikking op het op 22 november 2024 ingekomen verzoek van:

[de moeder],

de moeder,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. J.L.J. Kapteijn te Alphen aan den Rijn.

Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de vader],

de vader,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres.

Procedure

Bij beschikking van 8 april 2025 van deze rechtbank is bepaald dat de vader met ingang van 30 juni 2024 € 273,00 per maand per kind aan alimentatie aan de moeder betaalt en is de behandeling van het verzoek tot de vaststelling van de hoofdverblijfplaats pro forma aangehouden.

De rechtbank heeft wederom kennisgenomen van de stukken, waaronder nu ook:

- de brief van 26 september 2025 van de zijde van de moeder, met als bijlage een referteverklaring van de vader.

Beoordeling

De moeder heeft verzocht de hoofdverblijfplaats van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] bij haar te bepalen.

Uit de referteverklaring van de vader volgt dat hij zich niet verzet tegen het verzoek van de moeder en dat hij geen bezwaar maakt dat de rechtbank zonder mondelinge behandeling op dit verzoek beslist.

Daarom zal de rechtbank het verzoek van de moeder als niet weersproken en op de wet gegrond toewijzen, nu ook niet is gebleken dat het belang van de minderjarigen zich daartegen verzet.

Beslissing

De rechtbank:

bepaalt dat de minderjarigen:

  • [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2018 te [geboorteplaats 1];
  • [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2021 te [geboorteplaats 2];

de hoofdverblijfplaats zullen hebben bij de moeder;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. E.D.A. Geleijns, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. M.J.W. Straatsma als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 24 oktober 2025.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.