Uitspraak · Bestuursrecht

Rechtbank Den Haag, 20 oktober 2025

ECLI:NL:RBDHA:2025:19648Zaaknummer SGR 24/4483

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
20 oktober 2025
Publicatiedatum
3 november 2025
Zaaknummer
SGR 24/4483
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Tussenuitspraak
Zittingsplaats
Den Haag
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

De in de tussenuitspraak gegeven termijn om de gebreken in het bestreden besluit te herstellen, wordt verlengd.

De rechtbank:

- stelt het college tot uiterlijk 19 december 2025 in de gelegenheid de gebreken te herstellen met inachtneming van de overwegingen en aanwijzingen in de eerste tussenuitspraak;

- houdt iedere verdere beslissing aan.

Deze tussenuitspraak is gedaan door mr. A.J. van der Ven, rechter, in aanwezigheid van mr. L.F.A. Bouwens-Bos, griffier. Uitgesproken in het openbaar op 20 oktober 2025.

griffierrechter

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Tegen deze tussenuitspraak staat nog geen hoger beroep open. Tegen deze tussenuitspraak kan hoger beroep worden ingesteld tegelijkertijd met hoger beroep tegen de (eventuele) einduitspraak in deze zaak.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. [bedrijf] B.V., uit [vestigingsplaats] , eiseres
  2. Procesverloop
  3. Overwegingen
  4. Beslissing
  5. Bent u het niet eens met deze uitspraak?

RECHTBANK DEN HAAG

Bestuursrecht

zaaknummer: SGR 24/4483 T2

tussenuitspraak van de enkelvoudige kamer van 20 oktober 2025 in de zaak tussen

[bedrijf] B.V., uit [vestigingsplaats] , eiseres

(gemachtigde: mr. M.R. Plug),

en

het college van burgemeester en wethouders van Pijnacker-Nootdorp

(gemachtigde: J.C. van Eeden).

Als derde-partij neemt aan de zaak deel: vereniging Glastuinbouw Nederland uit Zoetermeer (derde-partij).

Procesverloop

In de tussenuitspraak van 11 september 2025 (de tussenuitspraak) heeft de rechtbank het college in de gelegenheid gesteld om binnen twaalf weken na verzending van de tussenuitspraak, met inachtneming van hetgeen in de tussenuitspraak is overwogen, de gebreken in het bestreden besluit te herstellen. Voor het verdere procesverloop verwijst de rechtbank naar die tussenuitspraak.

Bij brief van 13 oktober 2025 heeft het college de rechtbank verzocht de in de tussenuitspraak gestelde termijn te verlengen.

Overwegingen

1. Het college heeft zijn verzoek om verlenging van de termijn om de gebreken te herstellen gedaan binnen de oorspronkelijke termijn die de rechtbank hiervoor heeft gesteld in de tussenuitspraak.

2. Slechts in bijzondere gevallen willigt de rechtbank zo’n verzoek om verlenging van de in de tussenuitspraak gestelde termijn in. Het verzoek om verlenging moet daarom zijn gemotiveerd. De rechtbank verwijst naar de totstandkomingsgeschiedenis van artikel 8:51a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en de uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 29 april 2010[_bc40d59b-5157-4e89-9610-c87e47efd239] en 21 september 2011[_17348692-99cd-47ff-aab9-448384cebb7f].

3. De reden waarom het college de rechtbank verzoekt om verlenging van de termijn is dat de verklaring van geen bedenkingen pas op 11 december 2025 in de gemeenteraad behandeld kan worden.

4. De rechtbank acht dit een bijzonder geval dat verlenging van de termijn rechtvaardigt, omdat elke andere beslissing van de rechtbank - met name de einduitspraak waarbij het college de opdracht krijgt een nieuw besluit te nemen - naar alle waarschijnlijkheid tot een minder finale vorm van geschilbeslechting leidt.

5. De rechtbank houdt iedere verdere beslissing aan tot de einduitspraak op het beroep.

Beslissing

De rechtbank:

- stelt het college tot uiterlijk 19 december 2025 in de gelegenheid de gebreken te herstellen met inachtneming van de overwegingen en aanwijzingen in de eerste tussenuitspraak;

- houdt iedere verdere beslissing aan.

Deze tussenuitspraak is gedaan door mr. A.J. van der Ven, rechter, in aanwezigheid van mr. L.F.A. Bouwens-Bos, griffier. Uitgesproken in het openbaar op 20 oktober 2025.

griffierrechter

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Tegen deze tussenuitspraak staat nog geen hoger beroep open. Tegen deze tussenuitspraak kan hoger beroep worden ingesteld tegelijkertijd met hoger beroep tegen de (eventuele) einduitspraak in deze zaak.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.