Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Den Haag, 9 oktober 2025

ECLI:NL:RBDHA:2025:18620Zaaknummer C/09/631416 / FA RK 22-4093

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
9 oktober 2025
Publicatiedatum
17 oktober 2025
Zaaknummer
C/09/631416 / FA RK 22-4093
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Beschikking
Zittingsplaats
Den Haag
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Eindbeschikking - partijen hebben na de zitting overeenstemming bereikt over de omgangsregeling

Beslissing

De rechtbank – met wijziging in zoverre van de onderling getroffen regeling van 3 februari 2012 –:

bepaalt dat de ouders de omgangsregeling met betrekking tot de minderjarige [minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2009 te [geboorteplaats] in onderling overleg en met afstemming met [minderjarige] zullen vormgeven;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. C. Witteman, kinderrechter, bijgestaan door

mr. I.E. Moerkerk-van Kersbergen als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting

van 9 oktober 2025.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Omgang
  2. Procedure
  3. Beoordeling
  4. Beslissing

Rechtbank DEN HAAG

Enkelvoudige kamer

Rekestnummer: FA RK 22-4093

Zaaknummer: C/09/631416

Datum beschikking: 9 oktober 2025

Omgang

Beschikking op het op 27 juni 2022 ingekomen verzoek van:

[de vader],

de vader,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. R.P.M. Duijndam te Lisse.

Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de moeder],

de moeder,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. E.A. Kronenburg te 's-Gravenhage.

Procedure

Bij beschikking van 25 januari 2024 van deze rechtbank is de Raad voor de Kinderbescherming verzocht onderzoek te doen en de rechtbank hierover te rapporteren en een advies uit te brengen, en is iedere verdere beslissing ten aanzien van de omgang en de informatieregeling aangehouden in afwachting hiervan.

De rechtbank heeft opnieuw kennis genomen van de stukken, waaronder nu ook:

  • de brief van 7 februari 2024 van de Raad voor de Kinderbescherming;
  • het rapport en advies van de Raad voor de Kinderbescherming van 19 april 2024 met kenmerk KZ-1-5VHWMB5;
  • de brief van 24 april 2024 van de Raad voor de Kinderbescherming, met als bijlage een aanvullend stuk bij het raadsrapport;
  • het F9-formulier van 31 oktober 2024 van de zijde van de vader;
  • het F9-formulier van 31 oktober 2024 van de zijde van de moeder;
  • het F9 formulier van 19 december 2024 van de zijde van de vader;
  • het F9 formulier van 26 juni 2025 van de zijde van de vader;
  • het F9 formulier van 26 juni 2025 van de zijde van de moeder.

Beoordeling

De rechtbank handhaaft alles wat in de vorige beschikking is overwogen en beslist, voor zover in deze beschikking niet anders wordt overwogen of beslist.

Omgang

De vader heeft bij F9 formulier van 26 juni 2025 aan de rechtbank bericht dat de moeder, de vader en [minderjarige] in staat zijn gebleken om het contactherstel tussen [minderjarige] en de vader zorgvuldig op te bouwen. Volgens de vader bezoekt [minderjarige] de vader inmiddels frequent (nagenoeg wekelijks) en voornamelijk in de weekenden en blijft [minderjarige] ook regelmatig bij de vader overnachten. [minderjarige] geeft hierbij zelf het tempo aan en is daartoe ook in staat. De wijze waarop nu invulling wordt gegeven aan de omgang verloopt naar tevredenheid van de beide ouders.

De vader verzoekt nu ten aanzien van de omgang om te bepalen dat partijen deze in het vervolg in onderling overleg en met afstemming met [minderjarige] zullen vormgeven.

De moeder heeft bij F9 formulier van 26 juni 2025 bevestigd dat partijen overeenstemming hebben bereikt over de omgang op de wijze zoals door de vader is verwoord.

De rechtbank concludeert dat de ouders volledige overeenstemming hebben bereikt over de omgangsregeling. Beide advocaten hebben namens de ouders verzocht om de afspraken op te nemen in een eindbeschikking. De rechtbank zal overeenkomstig deze overeenstemming beslissen, nu het gezamenlijk verzoek in het belang van [minderjarige] is.

Dat wat oorspronkelijk meer of anders is verzocht ten aanzien van de omgang, beschouwt de rechtbank als ingetrokken.

Informatieregeling

De vader heeft zijn verzoek met betrekking tot de informatieregeling ingetrokken, zodat de rechtbank op dit punt niet meer behoeft te beslissen.

Beslissing

De rechtbank – met wijziging in zoverre van de onderling getroffen regeling van 3 februari 2012 –:

bepaalt dat de ouders de omgangsregeling met betrekking tot de minderjarige [minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2009 te [geboorteplaats] in onderling overleg en met afstemming met [minderjarige] zullen vormgeven;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. C. Witteman, kinderrechter, bijgestaan door

mr. I.E. Moerkerk-van Kersbergen als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting

van 9 oktober 2025.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.