Uitspraak · Vreemdelingenrecht

Rechtbank Den Haag, 25 juli 2025

ECLI:NL:RBDHA:2025:13983Zaaknummer NL24.51163

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
25 juli 2025
Publicatiedatum
29 juli 2025
Zaaknummer
NL24.51163
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
Procedure
Voorlopige voorziening
Zittingsplaats
Utrecht
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

VK, regulier. Voorlopige voorziening afgewezen omdat beroep met zaaknummer NL24.51160 ongegrond is verklaard.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. I. Helmich, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. N.R. Hoogenberk, griffier.

Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

25 juli 2025

Documentcode: [Documentcode]

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Procesverloop
  2. Beoordeling door de voorzieningenrechter
  3. Beslissing
  4. Documentcode: [Documentcode]
  5. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL24.51163

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoekster], V-nummer: [V-nummer], verzoekster (gemachtigde: mr. J.M. Walther),

en

de Minister van Asiel en Migratie, (gemachtigde: W. van Hoof).

Procesverloop

  • Verzoekster heeft op 16 oktober 2023 een aanvraag gedaan voor verblijf bij haar echtgenoot de heer [referent] (referent). De minister heeft deze aanvraag met het besluit van 1 februari 2024 afgewezen omdat verzoekster niet in het bezit is van een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) en zij niet in aanmerking komt voor vrijstelling van het mvv-vereiste.
  • Met het besluit van 9 december 2024 (bestreden besluit) heeft de minister het bezwaar van verzoekster tegen het besluit van 16 oktober 2023 ongegrond verklaard.

3. Verzoekster heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld

(zaaknummer NL24.51160) en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.

4. De minister heeft een verweerschrift ingediend.

5. De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met het beroep op 9 juli 2025 op zitting behandeld. Verzoekster is verschenen, bijgestaan door haar gemachtigde. Ook waren referent en de heer [naam], gewaarborgde hulp aanwezig. De minister heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

6. De rechtbank heeft vandaag uitspraak gedaan op het beroep en het beroep ongegrond verklaard. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af. Voor vergoeding van het griffierecht of een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. I. Helmich, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. N.R. Hoogenberk, griffier.

Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

25 juli 2025

Documentcode: [Documentcode]

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.