Uitspraak · Vreemdelingenrecht
Rechtbank Den Haag, 16 december 2024
ECLI:NL:RBDHA:2024:23018Zaaknummer NL24.28393
- Instantie
- Rechtbank Den Haag
- Datum uitspraak
- 16 december 2024
- Publicatiedatum
- 7 februari 2025
- Zaaknummer
- NL24.28393
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Voorlopige voorziening
- Zittingsplaats
- Utrecht
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
VK, plakvovo
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. E.E.M. van Abbe, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. E. Kersten, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
16 december 2024
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: NL24.28393
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoekster], V-nummer: [V-nummer], verzoekster
(gemachtigde: mr. C.T.W. van Dijk),
en
de Minister van Asiel en Migratie,
(gemachtigde: mr. P.M.W. Jans).
Inleiding
1. In deze uitspraak beslist de voorzieningenrechter op het verzoek om een voorlopige voorziening van verzoekster. Zij heeft dit verzoek gedaan hangende het beroep tegen het bestreden besluit van 15 juli 2024. Daarin heeft de minister het bezwaar van verzoekster ongegrond verklaard en is hij bij de afwijzing van haar aanvraag om een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd gebleven.
De minister heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.
Verzoekster is wegens betalingsonmacht vrijgesteld van de verplichting om griffierecht te betalen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek op 10 december 2024 op zitting behandeld. Hieraan heeft deelgenomen: de gemachtigde van de minister. Verzoekster en haar gemachtigde hebben zich de dag voorafgaand aan de zitting om 16.59 uur afgemeld.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
2. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL24.28392, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. E.E.M. van Abbe, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. E. Kersten, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
16 december 2024
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.