Uitspraak · Vreemdelingenrecht
Rechtbank Den Haag, 2 juli 2024
ECLI:NL:RBDHA:2024:10200Zaaknummer NL24.22624
- Instantie
- Rechtbank Den Haag
- Datum uitspraak
- 2 juli 2024
- Publicatiedatum
- 2 juli 2024
- Zaaknummer
- NL24.22624
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Voorlopige voorziening
- Zittingsplaats
- Groningen
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
AA, Syrië, statushouders Roemenië, plakvovo, afgewezen.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL24.22624
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[naam 1], verzoeker,
geboren op [geboortedatum 1],
V-nummer: [v-nummer 1],
[naam 2], verzoekster,
geboren op [geboortedatum 2],
V-nummer: [v-nummer 2],
mede namens hun minderjarige kinderen:
[naam 3]
geboren op [geboortedatum 3],
V-nummer: [v-nummer 3],
[naam 4],
geboren op [geboortedatum 4],
V-nummer: [v-nummer 4],
[naam 5],
geboren op [geboortedatum 5],
V-nummer: [v-nummer 5],
allen van Syrische nationaliteit,
hierna tezamen: verzoekers
(gemachtigde: mr. M.H. van der Linden),
en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, de staatssecretaris
(gemachtigde: mr. R.R. de Groot).
Procesverloop
Bij besluit van 29 mei 2024 (het bestreden besluit) heeft de staatssecretaris de opvolgende aanvragen van verzoekers tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de algemene procedure niet-ontvankelijk verklaard op grond van artikel 30a, eerste lid, aanhef en onder d van de Vreemdelingenwet (Vw 2000).
Verzoekers hebben tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met de zaak NL24.22623, op 26 juni 2024 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: verzoeker, een tolk, de gemachtigde van verzoekers en de gemachtigde van de staatssecretaris.
Overwegingen
1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL24.22623, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. H. Hanssen - Telman, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr.V. Vegter, griffier en openbaar gemaakt door geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.