Uitspraak · Vreemdelingenrecht
Rechtbank Den Haag, 4 mei 2023
ECLI:NL:RBDHA:2023:6741Zaaknummer NL22.23070
- Instantie
- Rechtbank Den Haag
- Datum uitspraak
- 4 mei 2023
- Publicatiedatum
- 10 mei 2023
- Zaaknummer
- NL22.23070
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Zittingsplaats
- Middelburg
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Trefwoorden: BNT, beroep niet-ontvankelijk, proceskostenvergoeding
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL22.23070
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam eiseres], eiseres
V-nummer: [v-nummer]
(gemachtigde: mr. D. Schaap),
en
de minister van Buitenlandse Zaken, verweerder.
Procesverloop
Eiseres heeft op 11 november 2022 beroep ingesteld tegen het niet-tijdig beslissen op haar bezwaarschrift van 29 juni 2022.
Bij besluit van 26 november 2022 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van eiseres tegen de weigering om haar een visum voor kort verblijf te verstrekken kennelijk ongegrond verklaard.
Desgevraagd heeft eiseres meegedeeld het beroep voort te zetten.
De rechtbank doet op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Awb[_24a7ea95-9b94-4598-ac03-3175c8e3e4a4] uitspraak zonder zitting.
Overwegingen
1. Voor zover het beroep is gericht tegen het niet tijdig nemen van een besluit op het bezwaarschrift van eiseres, dient te worden vastgesteld dat met het besluit van 26 november 2022 aan het beroep is tegemoetgekomen zodat eiseres gelet op artikel 6:20, derde lid, van de Awb in zoverre geen procesbelang meer heeft.
2. Omdat eiseres vanwege het niet tijdig beslissen op haar bezwaarschrift terecht beroep heeft ingesteld, ziet de rechtbank aanleiding om verweerder te veroordelen in de door eiseres gemaakte proceskosten. Deze kosten worden op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vastgesteld op € 418,50 bestaande uit een punt voor het indienen van het beroepschrift met een waarde per punt van € 837 en vermenigvuldigd met wegingsfactor 0,5 (licht). De rechtbank is van oordeel dat de wegingsfactor ‘licht’ van toepassing is omdat het beroep alleen ziet op het niet tijdig nemen van een besluit. Verder moet verweerder het door eiseres betaalde griffierecht vergoeden.
Beslissing
De rechtbank:
verklaart het beroep niet-ontvankelijk;
veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 418,50 (vierhonderdachttien euro en vijftig cent);
bepaalt dat verweerder het door eiseres betaalde griffierecht ter hoogte van € 184,- moet vergoeden.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.C.J. van Dooijeweert, rechter, in aanwezigheid van mr.R. de Mul, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.