Uitspraak · Vreemdelingenrecht

Rechtbank Den Haag, 17 november 2023

ECLI:NL:RBDHA:2023:17911Zaaknummer NL23.22404

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
17 november 2023
Publicatiedatum
22 november 2023
Zaaknummer
NL23.22404
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Middelburg
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

asiel, identiteit, ongegrond

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Overwegingen

1. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond omdat het aan eiser is om op grond van artikel 31 van de Vw zijn asielrelaas aannemelijk te maken. Daaronder vallen ook zijn identiteit, nationaliteit en herkomst. Verweerder heeft op grond van het door eiser overgelegde kopie paspoort, de verklaringen in het vertrekgesprek van 26 april 2022 en de

1. Op grond van artikel 30b, eerste lid, aanhef en onder a, b en c, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw).

gegevens die in Duitsland bekend zijn de persoonsgegevens en de nationaliteit zoals ze nu in het besluit staan gebruikt. Daar heeft eiser niets tegenover gesteld behalve de stelling dat het kopie paspoort een vervalst document is. De rechtbank volgt verweerder in het standpunt dat dit onvoldoende is. Verweerder is daarom niet ten onrechte uitgegaan van deze gegevens.

Daarbij is van belang dat een kopie paspoort een indicatief bewijs van de identiteit vormt. Bovendien heeft eiser de kopie vrijwillig overgelegd en lijken de pasfoto’s op het kopie paspoort en die in het dossier van eiser op elkaar. De beroepsgrond dat er van verkeerde persoonsgegevens en nationaliteit is uitgegaan en dat meer onderzoek had moeten worden gedaan zoals het stellen van herkomstvragen, slaagt daarom niet.

2. Het beroep is ongegrond. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 27 oktober 2023 door mr. H. Remerie, rechter, in aanwezigheid van mr. Ż.A. Meinert, griffier.

Dit proces-verbaal is bekendgemaakt op:

Documentcode: DSR31261758

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen zes weken na de dag van bekendmaking van dit proces-verbaal.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. [naam eiser] , eiser V-nummer: [V-nr.]
  2. Procesverloop
  3. Beslissing
  4. Overwegingen
  5. Documentcode: DSR31261758
  6. Rechtsmiddel

proces-verbaal uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL23.22404

proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam eiser] , eiser V-nummer: [V-nr.]

(gemachtigde: mr. R. Akkaya), en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. W. Epema).

Procesverloop

Bij besluit van 2 augustus 2023 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van eiser in de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond.1

Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.

De rechtbank heeft het beroep op 27 oktober 2023 op zitting behandeld in Breda. Eiser is, met bericht vooraf, niet verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Overwegingen

1. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond omdat het aan eiser is om op grond van artikel 31 van de Vw zijn asielrelaas aannemelijk te maken. Daaronder vallen ook zijn identiteit, nationaliteit en herkomst. Verweerder heeft op grond van het door eiser overgelegde kopie paspoort, de verklaringen in het vertrekgesprek van 26 april 2022 en de

1. Op grond van artikel 30b, eerste lid, aanhef en onder a, b en c, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw).

gegevens die in Duitsland bekend zijn de persoonsgegevens en de nationaliteit zoals ze nu in het besluit staan gebruikt. Daar heeft eiser niets tegenover gesteld behalve de stelling dat het kopie paspoort een vervalst document is. De rechtbank volgt verweerder in het standpunt dat dit onvoldoende is. Verweerder is daarom niet ten onrechte uitgegaan van deze gegevens.

Daarbij is van belang dat een kopie paspoort een indicatief bewijs van de identiteit vormt. Bovendien heeft eiser de kopie vrijwillig overgelegd en lijken de pasfoto’s op het kopie paspoort en die in het dossier van eiser op elkaar. De beroepsgrond dat er van verkeerde persoonsgegevens en nationaliteit is uitgegaan en dat meer onderzoek had moeten worden gedaan zoals het stellen van herkomstvragen, slaagt daarom niet.

2. Het beroep is ongegrond. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 27 oktober 2023 door mr. H. Remerie, rechter, in aanwezigheid van mr. Ż.A. Meinert, griffier.

Dit proces-verbaal is bekendgemaakt op:

Documentcode: DSR31261758

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen zes weken na de dag van bekendmaking van dit proces-verbaal.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.