Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Den Haag, 28 september 2023

ECLI:NL:RBDHA:2023:14745Zaaknummer C/09/601294 / FA RK 20-7443

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
28 september 2023
Publicatiedatum
22 december 2023
Zaaknummer
C/09/601294 / FA RK 20-7443
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Beschikking
Zittingsplaats
Den Haag
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Eindbeschikking waarin de vermissing van de betrokkene is vastgesteld, op verzoek van zijn moeder. Er is aan de wettelijke formaliteiten voldaan, de betrokkene is opgeroepen om van zijn in leven zijn te doen blijken. Hier is niet van gebleken, zodat de vermissing van hem is vastgesteld.

De rechtbank:

stelt de vermissing sinds [datum04] 2015 vast van:

[betrokkene01], geboren op [geboortedatum02] 1990 te [geboorteplaats01];

bepaalt dat de kosten die verzoekster heft gemaakt ten laste van het vermogen van de vermiste worden gebracht;

wijst af het overige verzochte.

Deze beschikking is gegeven door mrs. J.M. Vink, L. Koper en C.S.F. de Nijs rechters, bijgestaan door mr. I.M. Talstra - Touwen als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 28 september 2023.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Vaststelling van vermissing
  2. Procedure
  3. Beoordeling
  4. Beslissing

Rechtbank DEN HAAG

Meervoudige Kamer

Rekestnummer: FA RK 20-7443

Zaaknummer: C/09/601294

Datum beschikking: 28 september 2023

Vaststelling van vermissing

Beschikking op het op 22 oktober 2020 ingekomen verzoekschrift van:

[naam01],

verzoekster (moeder van na te noemen betrokkene),

wonende te [woonplaats01], gemeente [gemeente01],

advocaat mr. M.S. Kat te Amsterdam,

betreffende de vermissing van:

[betrokkene01],

de betrokkene,

laatstelijk verblijvende te [verblijfplaats01], gemeente [gemeente01].

Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[naam02],

handelend voor zichzelf en als wettelijk vertegenwoordiger van de minderjarige: [minderjarige01], geboren te [geboorteplaats01] op [geboortedatum01] 2014,

wonende te [woonplaats02], gemeente [gemeente02].

Procedure

Bij beschikking van de meervoudige kamer van deze rechtbank van 12 juli 2023 is aan verzoekster bevolen de betrokkene [betrokkene01], geboren op [geboortedatum02] 1990 te [geboorteplaats01], bij advertentie met inachtneming van een termijn van een maand op te roepen om te verschijnen op de zitting van deze rechtbank en kamer van [datum01] 2023 om [tijdstip01] uur, teneinde van zijn in leven zijn te doen blijken, met bepaling voornoemde oproep aan te kondigen in het landelijk verschijnend dagblad [landelijk dagblad01].

Bij F9-formulier van 25 juli 2023 heeft verzoekster de [landelijk dagblad01] van [datum02] 2023 overgelegd, waarin de betreffende advertentie is gepubliceerd.

Op [datum01] 2023 is de zaak op de zitting van de meervoudige kamer van deze rechtbank behandeld. Hierbij is niemand verschenen.

Beoordeling

De rechtbank handhaaft al dat wat bij genoemde beschikking is overwogen en beslist, voor zover in deze beschikking niet anders wordt overwogen of beslist.

Verzoekster heeft voornoemde betrokkene bij advertentie in de Staatscourant opgeroepen om te verschijnen op de zitting van deze rechtbank van [datum03] 2023, teneinde van zijn in leven zijn te doen blijken. Daarna heeft verzoekster bij advertentie in de [landelijk dagblad01] opgeroepen om te verschijnen op de zitting van deze rechtbank van [datum01] 2023 om van zijn in leven zijn te doen blijken.

De betrokkene is op geen van beide zittingen verschenen, noch is iemand voor hem opgekomen die behoorlijk van het in leven zijn van de betrokkene heeft doen blijken.

Het verzoek is nu, mede gelet op dat wat is overwogen in de beschikking van 14 februari 2023, voor toewijzing vatbaar.

Als dag vanaf welke de betrokkene wordt vermist, zal de rechtbank op grond van artikel 1:414, lid 3, van het Burgerlijk Wetboek [datum04] 2015 vaststellen. Verzoekster heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat dit de dag is volgende op die van het laatste bericht waaruit blijkt dat de betrokkene in leven was.

Beslissing

De rechtbank:

stelt de vermissing sinds [datum04] 2015 vast van:

[betrokkene01], geboren op [geboortedatum02] 1990 te [geboorteplaats01];

bepaalt dat de kosten die verzoekster heft gemaakt ten laste van het vermogen van de vermiste worden gebracht;

wijst af het overige verzochte.

Deze beschikking is gegeven door mrs. J.M. Vink, L. Koper en C.S.F. de Nijs rechters, bijgestaan door mr. I.M. Talstra - Touwen als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 28 september 2023.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.