Uitspraak · Bestuursrecht

Rechtbank Den Haag, 25 april 2023

ECLI:NL:RBDHA:2023:10113Zaaknummer AWB 22/4409

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
25 april 2023
Publicatiedatum
12 juli 2023
Zaaknummer
AWB 22/4409
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Utrecht
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Kennelijk niet-ontvankelijk

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J.G. Nicholson, rechter, in aanwezigheid van I.J. Tiktak, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 25 april 2023.

griffier rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. [eiseres], met V-nummer [V-nummer], eiseres
  2. Procesverloop
  3. Overwegingen
  4. Beslissing
  5. Bent u het niet eens met deze uitspraak?

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht

Bestuursrecht

zaaknummer: AWB 22/4409

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 25 april 2023 in de zaak tussen

[eiseres], met V-nummer [V-nummer], eiseres

(gemachtigde: mr. M.E. Martis),

en

de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiseres heeft ingediend op 14 juli 2022 tegen het besluit van verweerder van 1 juli 2022.

Overwegingen

1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is (artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb)). Het beroepschrift voldoet niet aan de wettelijke eisen, waardoor de rechtbank de zaak niet inhoudelijk kan behandelen. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.

2. Iemand die in beroep gaat, moet zeggen waarom hij of zij het niet eens is met het besluit en dit ook uitleggen. Dat worden ‘beroepsgronden’ genoemd. Dit staat in artikel 6:5 van de Awb. Als dat niet gebeurt, is de hoofdregel dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk mag behandelen. Soms is dat anders. Dan is er een geldige reden waarom er geen beroepsgronden zijn genoemd. Het gaat dan om omstandigheden waar eiseres niets aan kan doen.

3. De rechtbank heeft eiseres op 21 juli 2022 en 22 september 2022 brieven gestuurd met daarin het verzoek om de beroepsronden binnen vier weken aan te leveren. Eiseres heeft vervolgens om uitstel verzocht vanwege het ontbreken van bewijsstukken die uit het buitenland moesten komen. De rechtbank heeft dit verzoek toegewezen en aan eiseres verzocht uiterlijk op 17 november 2022 de beroepsgronden in te dienen. Omdat de beroepsgronden uitbleven, heeft de rechtbank eiseres bij brief van 12 december 2022 een laatste keer in de gelegenheid gesteld om uiterlijk binnen twee weken de beroepsgronden in te dienen.

4. Op 22 december 2022 heeft de rechtbank opnieuw per e-mail een uitstelverzoek ontvangen van eiseres voor het aanleveren van gronden. De rechtbank heeft dit verzoek op 26 januari 2023 per brief afgewezen. De rechtbank overweegt dat eiseres genoeg kansen heeft gehad om gronden aan te leveren. Daarnaast motiveert eiseres niet op welke stukken zij aan het wachten is en waarom dit gebrek aan stukken ervoor zorgt dat zij geen gronden kan indienen. Eiseres heeft geen geldige reden gegeven voor het niet indienen van haar beroepsgronden.

5. Het beroep zal niet inhoudelijk worden behandeld en de rechtbank zal geen uitspraak over het beroep doen. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk.

6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J.G. Nicholson, rechter, in aanwezigheid van I.J. Tiktak, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 25 april 2023.

griffier rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.