Uitspraak · Vreemdelingenrecht
Rechtbank Den Haag, 24 mei 2022
ECLI:NL:RBDHA:2022:12220Zaaknummer Nl22.782
- Instantie
- Rechtbank Den Haag
- Datum uitspraak
- 24 mei 2022
- Publicatiedatum
- 27 december 2022
- Zaaknummer
- Nl22.782
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Voorlopige voorziening
- Zittingsplaats
- Utrecht
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
vovo bij NL22.781; vovo afgewezen i.v.m. art. 73, lid 1 van de Vw.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.J. Catsburg, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr.S. Sari, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: NL22.782
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoekster] , verzoekster
V-nummer: [v-nummer]
(gemachtigde: mr. A.H. Hekman),
en
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
(gemachtigde: M.F. van Lubbe).
Procesverloop
In het besluit van 14 september 2021 (primaire besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoekster tot het verlenen van een verblijfsvergunning regulier voor het doel ‘verblijf als familie- of gezinslid bij [referent] (referent)’ afgewezen.
In het besluit van 13 januari 2022 (bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van verzoekster ongegrond verklaard.
Verzoekster heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Zij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.
De rechtbank heeft het beroep, samen met de zaak NL22.781, op 3 mei 2022 op zitting behandeld. Verzoekster is verschenen, bijgestaan door haar gemachtigde. Referent is ook ter zitting verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Overwegingen
- Verzoekster is van Filipijnse nationaliteit en is geboren op [1987].
- Bij uitspraak van vandaag heeft de rechtbank het beroep, met zaaknummer NL22.781 gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd. Verweerder moet opnieuw beslissen op het bezwaar.
- Omdat verweerder opnieuw een besluit moet nemen, is een voorlopige voorziening niet meer nodig. De werking van het primaire besluit wordt namelijk op grond van artikel 73, eerste lid, van de Vreemdelingenwet opgeschort totdat op het bezwaar is beslist.
- De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
- Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.J. Catsburg, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr.S. Sari, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.