Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Den Haag, 17 juni 2021
ECLI:NL:RBDHA:2021:6645Zaaknummer C/09/613416 / FA RK 21-3934
- Instantie
- Rechtbank Den Haag
- Datum uitspraak
- 17 juni 2021
- Publicatiedatum
- 14 juli 2021
- Zaaknummer
- C/09/613416 / FA RK 21-3934
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Het verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel wordt afgewezen. Er is geen sprake meer van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel.
De rechtbank:
wijst het verzoek af.
| Deze beschikking is gegeven door mr. M.L. Sandberg-Crommelin, rechter, bijgestaan door mr. S.B. Boekema als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 17 juni 2021. |
| De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 28 juni 2021. |
| Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open. |
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Team Jeugd- en Zorgrecht
Zaak-/rekestnr.: C/09/613416 / FA RK 21-3934
Datum beschikking: 17 juni 2021
Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel
Beschikking naar aanleiding van het op 14 juni 2021 door de officier van justitie ingediende verzoek tot voortzetting van een crisismaatregel, als bedoeld in artikel 7:7 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:
[de man]
hierna te noemen: betrokkene,
geboren op [geboortedag] 1972 te [geboorteplaats],
wonende te [woonplaats],
thans verblijvende in de accommodatie [Verblijfplaats],
advocaat: mr. O.C. Bondam te Voorschoten.
Procesverloop
Bij verzoekschrift, ingekomen ter griffie op 14 juni 2021, heeft de officier van justitie verzocht om voortzetting van de op 12 juni 2021 opgelegde crisismaatregel.
Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
- een afschrift van de beschikking van de burgemeester van de gemeente Leiden tot het nemen van de crisismaatregel;
- een op 12 juni 2021 ondertekende medische verklaring van [psychiater 1], die betrokkene heeft onderzocht maar niet bij zijn behandeling betrokken was;
- een uittreksel uit de justitiële documentatie;
- een afschrift van de politiemutaties.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 17 juni 2021.
Bij die gelegenheid zijn op grond van artikel 2 Tijdelijke wet COVID-19 Justitie en Veiligheid de navolgende personen gelijktijdig via Skype gehoord door de rechtbank omdat het houden van een fysieke zitting vanwege de geldende veiligheidsmaatregelen met betrekking tot het coronavirus niet mogelijk was:
- betrokkene;
- de advocaat;
- de [psychiater 2];
- de [verpleegkundige].
Omdat een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig werd geacht door de officier van justitie, is de officier van justitie niet gehoord.
Standpunten ter zitting
De psychiater heeft ter zitting verklaard dat betrokkene sinds 2004 bekend is met psychiatrische klachten. Hij is echter al jaren niet in zorg en het is niet mogelijk om in de vier dagen waarin betrokkene nu is opgenomen een diagnose te stellen. Op de afdeling wordt een heel rustige man gezien die goed meewerkt. Hij wil geen medicatie. Er is thans geen sprake meer van acuut ernstig nadeel.
De betrokkene heeft bevestigd dat er een heftig incident heeft plaatsgevonden ten tijde van de crisismaatregel. Zijn moeder is hiervan slachtoffer geworden. Betrokkene heeft hiervan veel spijt en het zal niet weer gebeuren. Hij heeft zijn moeder inmiddels weer gesproken. De advocaat van betrokkene heeft gesteld dat er een incident heeft plaatsgevonden tussen twee mensen die te dicht op elkaar zitten. Er is geen sprake meer van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel. Betrokkene heeft spijt betuigd en is nu rustig aanwezig op de afdeling. Het verzoek dient dan ook te worden afgewezen.
Beoordeling
Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene geen sprake meer is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel. Het is duidelijk dat er zorgen zijn over de psychische gesteldheid van betrokkene. Het incident dat heeft plaatsgevonden is heftig geweest voor zowel betrokkene zelf als voor zijn moeder. Betrokkene heeft hiervan echter spijt betuigd en is zich bewust van de ernst van de situatie. Gedurende zijn opname is hij rustig en de rechtbank heeft dan ook het vertrouwen dat het acuut ernstig nadeel voldoende is afgewend. De rechtbank drukt betrokkene echter wel op hart om hulp en behandeling te zoeken voor zijn psychische problemen.
Derhalve zal het verzoek worden afgewezen.
Beslissing
De rechtbank:
wijst het verzoek af.
| Deze beschikking is gegeven door mr. M.L. Sandberg-Crommelin, rechter, bijgestaan door mr. S.B. Boekema als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 17 juni 2021. |
| De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 28 juni 2021. |
| Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open. |
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.