Uitspraak · Vreemdelingenrecht
Rechtbank Den Haag, 10 december 2021
ECLI:NL:RBDHA:2021:14226Zaaknummer NL21.10859
- Instantie
- Rechtbank Den Haag
- Datum uitspraak
- 10 december 2021
- Publicatiedatum
- 22 december 2021
- Zaaknummer
- NL21.10859
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Zittingsplaats
- Middelburg
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Mondelinge uitspraak. Besluit voldoende gemotiveerd. Beroep ongegrond.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Overwegingen
1. Eiser heeft aan zijn asielaanvraag ten grondslag gelegd dat hij problemen heeft in zijn land van herkomst Gambia, als gevolg van een bedrijfsongeval.
2. Verweerder heeft zowel in het voornemen als in het bestreden besluit uitvoerig gemotiveerd waarom hij het asielrelaas van eiser ongeloofwaardig acht.
3. Wat eiser daartegen in beroep heeft ingebracht, slaagt niet. In het verweerschrift zijn deze standpunten volledig weerlegd. Eiser heeft hier verder niets tegen aangevoerd en hij is ook niet ter zitting verschenen om het oordeel van verweerder te bestrijden. De motivering van verweerder blijft dan ook intact.
4. Verweerder heeft het asielrelaas terecht ongeloofwaardig geacht. Het beroep is ongegrond.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 10 december 2021 door mr. B.F.Th. de Roos, rechter, in aanwezigheid van mr. N.H. de Zeeuw, griffier.
De proces-verbaal is bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen de uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen vier weken na bekendmaking van het proces-verbaal daarvan.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL21.10859
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de rechtbank in de zaak tussen
[naam], eiser
V-nummer: [nummer]
(gemachtigde: mr. W.N. van der Voet),
en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
(gemachtigde: mr. J.J.F.M. van Raak).
Procesverloop Bij besluit van 17 juni 2021 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van eiser in de verlengde procedure afgewezen als ongegrond.
Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.
Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.
De rechtbank heeft het beroep op 10 december 2021 op zitting behandeld in Breda. Eiser is, met voorafgaand bericht, niet verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Na afloop van de zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Overwegingen
1. Eiser heeft aan zijn asielaanvraag ten grondslag gelegd dat hij problemen heeft in zijn land van herkomst Gambia, als gevolg van een bedrijfsongeval.
2. Verweerder heeft zowel in het voornemen als in het bestreden besluit uitvoerig gemotiveerd waarom hij het asielrelaas van eiser ongeloofwaardig acht.
3. Wat eiser daartegen in beroep heeft ingebracht, slaagt niet. In het verweerschrift zijn deze standpunten volledig weerlegd. Eiser heeft hier verder niets tegen aangevoerd en hij is ook niet ter zitting verschenen om het oordeel van verweerder te bestrijden. De motivering van verweerder blijft dan ook intact.
4. Verweerder heeft het asielrelaas terecht ongeloofwaardig geacht. Het beroep is ongegrond.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 10 december 2021 door mr. B.F.Th. de Roos, rechter, in aanwezigheid van mr. N.H. de Zeeuw, griffier.
De proces-verbaal is bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen de uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen vier weken na bekendmaking van het proces-verbaal daarvan.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.