Uitspraak · Bestuursrecht
Rechtbank Den Haag, 12 januari 2021
ECLI:NL:RBDHA:2021:134Zaaknummer C/09/605687 / KG RK 21-36
- Instantie
- Rechtbank Den Haag
- Datum uitspraak
- 12 januari 2021
- Publicatiedatum
- 13 januari 2021
- Zaaknummer
- C/09/605687 / KG RK 21-36
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht
- Procedure
- Verschoning
- Zittingsplaats
- 's-Gravenhage
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Verschoningsverzoek.
4 De beslissing
De verschoningskamer:
wijst het verzoek tot verschoning toe;
bepaalt dat het proces in de hoofdzaak wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond op het moment dat verschoningsverzoek werd ingediend;
beveelt dat een afschrift van deze beslissing wordt toegezonden aan:
* de rechter;
* alle in de aanhef van deze uitspraak genoemde betrokken partijen.
Deze beslissing is genomen in raadkamer op 12 januari 2021 door mr. J.A. van Steen, mr. M.J. Alt-van Endt en mr. J. Brandt, rechters, in tegenwoordigheid van de griffier.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
beslissing
RECHTBANK DEN HAAG
Verschoningskamer
Verschoningsnummer: 2021-1
Kenmerk: C/09/605687 / KG RK 21-36
Beslissing van 12 januari 2021
van de meervoudige verschoningskamer van de rechtbank op het verzoek van
mr. A. Drahmann,
rechter in de rechtbank Den Haag,
hierna de rechter,
belast met de behandeling van de hoofdzaak met kenmerk SGR AWB 19/4626 WATER G 1C van:
Park Schiphol-Rijk U.A., Park Data Hub 3.0 U.A., Forward Business Parks 2000 N.V., Chip(s)hol III B.V., Chipshol IV B.V., Verhoef Beheer B.V., ASR Levensverzekering N.V., Stichting Parkmanagement Schiphol, Vastgoed Roetveld B.V. en LSREF4 Dutch REO Holdings S.A.R.L.
eisers,
bijgestaan door mr H.J.M. van Schie
en
het College van Dijkgraaf en Hoogheemraden van het Hoogheemraadschap Rijnland verweerder,
waarin als belanghebbende partij wordt aangemerkt
Schiphol Nederland B.V.,
bijgestaan door mr F. Onrust.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit het verschoningsverzoek van 10 januari 2021
Een verschoningsverzoek hoeft, anders dan een wrakingsverzoek, niet ter terechtzitting te worden behandeld. Het verzoek is daarom niet ter zitting behandeld.
2 Het verschoningsverzoek
De rechter heeft het verschoningsverzoek op het volgende gebaseerd:
□ een procespartij of procesdeelnemer maakt onderdeel uit van de persoonlijke of zakelijke kennissenkring van de rechter
□ de rechter is in zijn voormalige dienstbetrekking betrokken geweest bij een procespartij of bij de zaak
3 De beoordeling
Uitgangspunt is dat een rechter op grond van zijn aanstelling wordt vermoed onpartijdig te zijn. Uitzonderlijke omstandigheden kunnen een aanwijzing opleveren dat een rechter ten opzichte van een partij vooringenomen is of dat daarvoor een terechte vrees bestaat. Ook de uiterlijke schijn kan daarbij een rol spelen.
Gelet op hetgeen de rechter heeft aangevoerd, is het verschoningsverzoek terecht ingediend. Zo wordt de schijn van partijdigheid vermeden. Het verzoek zal dus worden toegewezen. Dit betekent dat de behandeling van de hoofdzaak door een andere rechter moet worden overgenomen.
4 De beslissing
De verschoningskamer:
wijst het verzoek tot verschoning toe;
bepaalt dat het proces in de hoofdzaak wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond op het moment dat verschoningsverzoek werd ingediend;
beveelt dat een afschrift van deze beslissing wordt toegezonden aan:
* de rechter;
* alle in de aanhef van deze uitspraak genoemde betrokken partijen.
Deze beslissing is genomen in raadkamer op 12 januari 2021 door mr. J.A. van Steen, mr. M.J. Alt-van Endt en mr. J. Brandt, rechters, in tegenwoordigheid van de griffier.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.