Uitspraak · Vreemdelingenrecht
Rechtbank Den Haag, 6 oktober 2020
ECLI:NL:RBDHA:2020:14407Zaaknummer NL20.16454
- Instantie
- Rechtbank Den Haag
- Datum uitspraak
- 6 oktober 2020
- Publicatiedatum
- 12 maart 2021
- Zaaknummer
- NL20.16454
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig, Voorlopige voorziening
- Zittingsplaats
- Utrecht
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
asiel, plakvovo, afgewezen (ZIE OOK: ECLI:NL:RBDHA:2020:14411)
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. P.J.M. Mol, voorzieningenrechter, in aanwezigheid vanmr. R.G. Kamphof, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummers: NL20.16454
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen
[verzoekster], en haar kinderen [minderjarige 1] en [minderjarige 2], verzoekster,
V-nummer: [V-nummer]
(gemachtigde: mr. L.M. Ligtvoet-van Tuijn),
en
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
(gemachtigde: mr. D. Reimerink).
Procesverloop
Bij besluit van 3 september 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoekster tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de algemene procedure niet-ontvankelijk verklaard. Het besluit heeft ook betrekking op de kinderen van verzoekster.
Verzoekster heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Het onderzoek ter zitting heeft, tezamen met de behandeling van de zaak NL20.16453, plaatsgevonden op 24 september 2020. Verzoekster heeft zich laten vertegenwoordigen door haar gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Overwegingen
Verzoekster stelt van Marokkaanse nationaliteit te zijn en te zijn geboren op [geboortedatum 1] 1992. Haar kinderen zijn geboren op [geboortedatum 2] 2018.
Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL20.16453 heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. P.J.M. Mol, voorzieningenrechter, in aanwezigheid vanmr. R.G. Kamphof, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.