Uitspraak · Vreemdelingenrecht

Rechtbank Den Haag, 14 augustus 2018

ECLI:NL:RBDHA:2018:9960Zaaknummer NL18.14095

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
14 augustus 2018
Publicatiedatum
28 augustus 2018
Zaaknummer
NL18.14095
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
's-Gravenhage
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

mondelinge uitspraak, beroep niet-ontvankelijk, eiser heeft geen contact met zijn gemachtigde onderhouden, geen contactgegevens verstrekt en is niet verschenen op zijn nader gehoor

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Motivering

De rechtbank overweegt dat eiser geen procesbelang heeft bij het ingestelde beroep. Het kan zo zijn dat eiser na het eerste gehoor toestemming aan zijn gemachtigde heeft gegeven om namens hem door te procederen, zoals de gemachtigde ter zitting naar voren heeft gebracht. Echter, nu eiser niet is verschenen op de afspraak van zijn nader gehoor en hij geen contact met zijn gemachtigde onderhoudt en de gemachtigde ook geen contactgegevens heeft van eiser valt niet in te zien hoe de uitspraak op zijn beroep aan eiser kan worden doorgegeven. De rechtbank gaat er dan ook vanuit dat eiser kennelijk geen prijs stelt op een inhoudelijke beoordeling van het ingestelde beroep.

Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J.M. Ghrib, rechter, in aanwezigheid van mr. J.C. de Grauw.

Dit proces-verbaal is digitaal ondertekend en bekendgemaakt op:

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. [eiser], eiser, V-nummer [V-nummer]
  2. Beslissing
  3. Motivering

RECHTBANK DEN HAAG

Bestuursrecht

zaaknummer: NL18.14095

proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser], eiser, V-nummer [V-nummer]

(gemachtigde: mr. E. Ceylan),

en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

(gemachtigde: mr. F. Gerritsen).

Procesverloop Bij besluit van 24 juli 2018 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiser tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 28 van de Vreemdelingenwet 2000 buiten behandeling gesteld.

Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 14 augustus 2018. De gemachtigde van eiser is verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Met inachtneming van artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht heeft de rechtbank onmiddellijk na sluiting van het onderzoek ter zitting mondeling uitspraak gedaan. De rechtbank heeft hierbij aan partijen medegedeeld dat partijen binnen één week na bekendmaking van dit proces-verbaal hoger beroep kunnen instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Motivering

De rechtbank overweegt dat eiser geen procesbelang heeft bij het ingestelde beroep. Het kan zo zijn dat eiser na het eerste gehoor toestemming aan zijn gemachtigde heeft gegeven om namens hem door te procederen, zoals de gemachtigde ter zitting naar voren heeft gebracht. Echter, nu eiser niet is verschenen op de afspraak van zijn nader gehoor en hij geen contact met zijn gemachtigde onderhoudt en de gemachtigde ook geen contactgegevens heeft van eiser valt niet in te zien hoe de uitspraak op zijn beroep aan eiser kan worden doorgegeven. De rechtbank gaat er dan ook vanuit dat eiser kennelijk geen prijs stelt op een inhoudelijke beoordeling van het ingestelde beroep.

Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J.M. Ghrib, rechter, in aanwezigheid van mr. J.C. de Grauw.

Dit proces-verbaal is digitaal ondertekend en bekendgemaakt op:

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.