Uitspraak · Vreemdelingenrecht

Rechtbank Den Haag, 5 oktober 2017

ECLI:NL:RBDHA:2017:11878Zaaknummer AWB - 16 _ 20045

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
5 oktober 2017
Publicatiedatum
10 november 2017
Zaaknummer
AWB - 16 _ 20045
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
Procedure
Voorlopige voorziening
Zittingsplaats
's-Gravenhage
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Mondelinge uitspraak, verblijf bij partner, voorlopige voorziening toegewezen, verweerder zal de financiële situatie en de relatie nogmaals onderzoeken.

Beslissing

De voorzieningenrechter van de rechtbank:

  • wijst het verzoek om een voorlopige voorziening toe;
  • verbiedt verweerder verzoeker uit Nederland te verwijderen tot op het bezwaar is beslist; en
  • veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van

EUR 990,- (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift en 1 punt voor het verschijnen ter zitting, met een waarde per punt van EUR 495,- en een wegingsfactor 1).

Overwegingen

De voorzieningenrechter overweegt het volgende.

Nu eiser nadere financiële stukken heeft ingebracht en verweerder heeft toegezegd deze stukken nader te zullen onderzoeken en te betrekken in de besluitvorming en zich niet verzet tegen toewijzing van de gevraagde voorziening, bestaat er voldoende aanleiding om het verzoek toe te wijzen.

Voorts zal verweerder de door verzoeker en referente gestelde partnerrelatie nader beoordelen, waarbij de gestelde inschrijving in de Basisregistratie personen (BRP) zal worden betrokken.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J.M. Ghrib, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. C. Davis, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 5 oktober 2017.

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. [verzoeker], verzoeker, V-nummer [V-nummer]
  2. Procesverloop
  3. Beslissing
  4. Overwegingen
  5. Rechtsmiddel

REchtbank DEN Haag

Bestuursrecht

zaaknummer: AWB 16/20045

uitspraak van de voorzieningenrechter van 5 oktober 2017 op het verzoek om een voorlopige voorziening van

[verzoeker], verzoeker, V-nummer [V-nummer]

(gemachtigde: mr. A.A. van Harmelen),

tegen

de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, thans de minister van Veiligheid en Justitie, verweerder

(gemachtigde: mr. J.W. Kreumer)

Procesverloop

Bij besluit van 30 augustus 2016 (het primaire besluit) heeft verweerder de aanvraag voor een verblijfsvergunning voor verblijf bij partner afgewezen.

Verzoeker heeft bij brief van 5 september 2016 tegen het primaire besluit bezwaar gemaakt. Daarnaast heeft hij de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 5 oktober 2017. Verzoeker is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Na afloop van de zitting doet de voorzieningenrechter onmiddellijk uitspraak.

Beslissing

De voorzieningenrechter van de rechtbank:

  • wijst het verzoek om een voorlopige voorziening toe;
  • verbiedt verweerder verzoeker uit Nederland te verwijderen tot op het bezwaar is beslist; en
  • veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van

EUR 990,- (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift en 1 punt voor het verschijnen ter zitting, met een waarde per punt van EUR 495,- en een wegingsfactor 1).

Overwegingen

De voorzieningenrechter overweegt het volgende.

Nu eiser nadere financiële stukken heeft ingebracht en verweerder heeft toegezegd deze stukken nader te zullen onderzoeken en te betrekken in de besluitvorming en zich niet verzet tegen toewijzing van de gevraagde voorziening, bestaat er voldoende aanleiding om het verzoek toe te wijzen.

Voorts zal verweerder de door verzoeker en referente gestelde partnerrelatie nader beoordelen, waarbij de gestelde inschrijving in de Basisregistratie personen (BRP) zal worden betrokken.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J.M. Ghrib, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. C. Davis, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 5 oktober 2017.

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.