Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Amsterdam, 13 augustus 2026
ECLI:NL:RBAMS:2026:8353Zaaknummer C/13/791655
- Instantie
- Rechtbank Amsterdam
- Datum uitspraak
- 13 augustus 2026
- Publicatiedatum
- 20 augustus 2026
- Zaaknummer
- C/13/791655
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig, Rekestprocedure, Beschikking
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Klinische behandeling nodig omdat stoornis verder behandeld moet worden.
De rechtbank:
verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1963, wat inhoudt dat de maatregelen die in 3.8 staan kunnen worden toegepast;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 13 februari 2027;
wijst af het meer of anders verzochte.
| Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 13 augustus 2026 door mr. J.P.C. van Dam van Isselt, rechter, in aanwezigheid van M.E. Langewisch, griffier en op schrift gesteld op 18 augustus 2026. |
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
Familie- en Jeugdrecht
Zaaknummer: C/13/791655 / FA RK 26-5922
Datum uitspraak: 13 augustus 2026
Beschikking zorgmachtiging
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1963 in [geboorteplaats],
wonende [adres 1],
verblijvende te GGZ inGeest, [adres 2],
hierna te noemen betrokkene,
advocaat mr. M. Verkijk uit Haarlem.
1 Het verloop van de procedure
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 27 juli 2026.
De zitting heeft plaatsgevonden op 13 augustus 2026. Daarbij zijn gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door haar advocaat;
- arts, mw. [naam].
2 Het verzoek
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van zes maanden.
3 De beoordeling
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van zes maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis. Betrokkene heeft namelijk een bipolaire 1 stoornis, actuele episode manisch met psychotische kenmerken. Betrokkene erkent de gestelde diagnose niet, maar de rechtbank heeft geen aanleiding te twijfelen aan de bevindingen die volgen uit de medische verklaring
Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade;
- maatschappelijke teloorgang;
- het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag.
Betrokkene is via GGD Vangnet en Advies in beeld gekomen vanwege meldingen bij de politie vanwege het verstoren van de openbare orde en het plegen van huisvredebreuk. Voorts is betrokkene behandeld in verband met dehydratie en hypernatriemie met onderliggend een manisch psychotische ontregeling. In het verleden waren er ook kenmerken van katatonie die onbehandeld tot autonome dysregulatie en orgaanfalen kunnen leiden.
Om het ernstig nadeel af te wenden en de geestelijke en fysieke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.
Betrokkene is ingesteld op 30 mg Olanzapine maar er is nog niet veel verbetering in het toestandsbeeld. Ontslag is nog niet in zicht. Daarom wordt bekeken of er aanpassingen qua medicatie nodig zijn. Ook de behandelaren van het FACT geven aan dat betrokkene nog niet de oude is. De zorgmachtiging is nodig om betrokkene adequaat in te stellen op medicatie en voor zorg van het ambulante team als betrokkene weer naar huis gaat.
Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Betrokkene geeft ter zitting aan dat zij naar huis wil en niet vrijwillig de opname en behandeling accepteert. Klinische behandeling is echter noodzakelijk om de manisch psychotische decompensatie verder te behandelen. Daarom is verplichte zorg nodig en zal de rechtbank het verzoek tot afwijzing passeren.
De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:
- het toedienen van vocht voor de duur van 6 maanden, telkens voor maximaal 2 weken per toepassing;
- het toedienen van medicatie voor de duur van 6 maanden;
- het verrichten van medische controles voor de duur van 6 maanden;
- het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening voor de duur van 6 maanden;;
- het beperken van de bewegingsvrijheid voor de duur van 6 maanden, telkens voor maximaal 3 maanden per toepassing.
- insluiten voor de duur van 6 maanden, telkens voor maximaal 2 weken per toepassing.
- uitoefenen van toezicht op betrokkene voor de duur van 6 maanden, telkens voor maximaal 2 weken per toepassing.
- onderzoek aan kleding of lichaam voor de duur van 6 maanden, telkens voor maximaal 3 maanden per toepassing.
- onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen voor de duur van 6 maanden, telkens voor maximaal 3 maanden per toepassing.
- controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen voor de duur van 6 maanden, telkens voor maximaal 3 maanden per toepassing;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen voor de duur van 6 maanden;
- opnemen in een accommodatie voor de duur van 6 maanden, telkens voor maximaal 3 maanden per toepassing.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en haar omgeving.
4 De beslissing
De rechtbank:
verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1963, wat inhoudt dat de maatregelen die in 3.8 staan kunnen worden toegepast;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 13 februari 2027;
wijst af het meer of anders verzochte.
| Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 13 augustus 2026 door mr. J.P.C. van Dam van Isselt, rechter, in aanwezigheid van M.E. Langewisch, griffier en op schrift gesteld op 18 augustus 2026. |
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.