Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Amsterdam, 3 augustus 2026

ECLI:NL:RBAMS:2026:8185Zaaknummer C/13/791191 / FA RK 26/5670

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
3 augustus 2026
Publicatiedatum
14 augustus 2026
Zaaknummer
C/13/791191 / FA RK 26/5670
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Mondelinge uitspraak, Beschikking
Zittingsplaats
Amsterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

ZM afgewezen

De rechtbank:

wijst het verzoek af.

Deze beschikking is op 3 augustus 2026 mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door

mr. J.P.C. van Dam van Isselt, rechter, bijgestaan door D.L. Overduin als griffier en op 13 augustus 2026 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Procesverloop
  2. 2 Beoordeling
  3. 3 Beslissing

beschikking

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht Team Familie & Jeugd

zaaknummer / rekestnummer: C/13/791191 / FA RK 26/5670

kenmerk: ZM/IND/209029

Afwijzing machtiging tot het verlenen van verplichte zorg

Beschikking van 3 augustus 2026 van de rechtbank Amsterdam naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:

[betrokkene],

geboren op [geboortedag] 1992 te [geboorteplaats],

wonende te [adres 1],

verblijvende te [adres 2],

hierna te noemen: betrokkene,

advocaat: mr. J.M.M. Heilbron te Amsterdam,

zorgaanbieder: Arkin, locatie [locatie].

1 Procesverloop

1.1.

Het procesverloop blijkt uit het verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 16 juli 2026.

De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 3 augustus 2026 in het gebouw van de zorgaanbieder.

Ter zitting waren aanwezig en heeft de rechtbank de volgende personen gehoord:

- betrokkene;

- de raadsvrouw;

- mw. [naam], psychiater.

Omdat de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig acht, is hij niet bij de mondelinge behandeling verschenen.

2 Beoordeling

2.1.

Niet ter discussie staat dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis en dat deze stoornis tot ernstig nadeel leidt en dat hij zorg nodig heeft. De advocaat van betrokkene heeft verzocht om afwijzing van het verzoek omdat betrokken openstaat voor vrijwillige zorg. Betrokkene heeft ziekte-inzicht en is goed in de samenwerking. Daarbij heeft betrokkene zelf om hulp gevraagd voordat zij vrijwillig werd opgenomen. Betrokkene is wilsbekwaam en juist de opname werkt contraproductief bij betrokkene. Daarnaast is zij aan het re-integreren op haar werk, waarbij de zorgmachtiging een belemmering kan zijn.

2.2.

De psychiater heeft naar voren gebracht dat werd getwijfeld om de zorgmachtiging aan te vragen, maar uiteindelijk is aangevraagd omdat er de komende periode spannende gebeurtenissen op de planning staan. De behandeling verliep grotendeels vrijwillig, maar er waren ook kleine incidenten. Betrokkene gaat verhuizen en het is nog niet duidelijk of het lukt een ambulant kader te vinden in de omgeving. Als er een zorgmachtiging is kan er wel op tijd worden ingegrepen en dan is het fijn om een vangnet te hebben. Het zou ook voor een kortere periode kunnen.

2.3.

Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling is gebleken dat betrokkene goed samenwerkt met de aangeboden hulpverlening en de noodzaak van de inname van de medicatie inziet.

Betrokkene staat open voor de geadviseerde zorg en wil daaraan vrijwillig meewerken. Betrokkene is in de voorgeschiedenis ook langere periodes stabiel geweest. De rechtbank ziet dat betrokkene ziekte-inzicht heeft en haar leven weer probeert op te pakken. De rechtbank is alles overwegende van oordeel dat geen verplichte zorg nodig is om het ernstig nadeel weg te nemen. Dit maakt dat de rechtbank de zorgmachtiging zal afwijzen.

3 Beslissing

De rechtbank:

wijst het verzoek af.

Deze beschikking is op 3 augustus 2026 mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door

mr. J.P.C. van Dam van Isselt, rechter, bijgestaan door D.L. Overduin als griffier en op 13 augustus 2026 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.