Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Amsterdam, 25 juni 2026

ECLI:NL:RBAMS:2026:7295Zaaknummer C/13/789075 / FA RK 26/4560

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
25 juni 2026
Publicatiedatum
20 juli 2026
Zaaknummer
C/13/789075 / FA RK 26/4560
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Mondelinge uitspraak, Beschikking
Zittingsplaats
Amsterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Wvggz. Zm verleend voor twaalf maanden. Advocaat verzoekt om de zorgmachtiging toe te wijzen voor zes maanden.

De rechtbank:

verleent een zorgmachtiging ten aanzien van [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1964 te [geboorteplaats] (Suriname), inhoudende dat gedurende de looptijd van de machtiging bij wijze van verplichte zorg de in rechtsoverweging 2.4 genoemde maatregelen kunnen worden getroffen;

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met uiterlijk 25 juni 2027.

Deze beschikking is op 25 juni 2026 mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door

mr. K. Duker, rechter, bijgestaan door mr. K.W. de Haan als griffier en op 1 juli 2026 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Procesverloop
  2. 2 Beoordeling
  3. 3 Beslissing

beschikking

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht Team Familie & Jeugd

zaaknummer / rekestnummer: C/13/789075 / FA RK 26/4560

kenmerk: ZM/IND/202253

Machtiging tot het verlenen van verplichte zorg

Beschikking van 25 juni 2026 van de rechtbank Amsterdam naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:

[betrokkene],

geboren op [geboortedag] 1964 te [geboorteplaats] (Suriname),

wonende te [adres 1],

verblijvende te [adres 2],

zorgaanbieder: Arkin,

hierna te noemen: betrokkene,

advocaat: mr. H.J.J. Hendrikse te Amsterdam.

1 Procesverloop

1.1.

Het procesverloop blijkt uit het verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 8 juni 2026.

De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 25 juni 2026 in het gebouw van de zorgaanbieder op de locatie [locatie].

Tijdens de mondelinge behandeling waren aanwezig en heeft de rechtbank de volgende personen gehoord:

- betrokkene;

- bovengenoemde advocaat;

- dhr. [naam], arts.

Omdat de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig acht, is hij niet bij de mondelinge behandeling verschenen.

2 Beoordeling

2.1.

Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, in de vorm van schizofrenie en een stoornis in het gebruik van cannabis.

2.2.

Deze stoornis leidt tot ernstig nadeel, gelegen in ernstig lichamelijk letsel, maatschappelijke teloorgang en de situatie dat betrokkene met hinderlijk gedrag agressie van anderen oproept.

2.3.

Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen of de door de stoornis bedreigde of aangetaste fysieke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen, heeft betrokkene zorg nodig.

2.4.

Gebleken is dat er geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis zijn. Om die reden is verplichte zorg nodig. Van de in het verzoekschrift genoemde vormen van zorg, die zijn gebaseerd op het zorgplan en het advies van de geneesheer-directeur, alsmede gelet op hetgeen bij de mondelinge behandeling naar voren is gekomen acht de rechtbank de volgende vormen van verplichte zorg noodzakelijk voor de duur van twaalf maanden:

  • toedienen van medicatie;
  • het verrichten van medische controles of andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
  • beperken van de bewegingsvrijheid;
  • insluiten, telkens voor de duur van maximaal drie weken per keer;
  • uitoefenen van toezicht op betrokkene, telkens voor de duur van maximaal drie weken per keer;
  • onderzoek aan kleding of lichaam;
  • onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;
  • controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
  • aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen en het nakomen van afspraken met het ambulant behandelteam;
  • opnemen in een accommodatie.
2.5.

De verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt dat bij het bepalen van de juiste zorg rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.

2.6.

Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend voor de (verzochte) duur van twaalf maanden. De rechtbank gaat niet mee in het verweer van de advocaat om de zorgmachtiging in duur te beperken tot zes maanden. De arts heeft toegelicht dat er sprake is van een langdurige psychose en daarbij komt dat betrokkene geen depotmedicatie wil gebruiken. Betrokkene is nu goed in zorg, maar dat is niet altijd zo geweest. Betrokkene zal binnen afzienbare tijd met ontslag gaan. Voorkomen moet worden dat er problemen zullen ontstaan bij de woonvorm van betrokkene. De rechtbank acht derhalve een zorgmachtiging voor de duur van twaalf maanden passend en geboden.

3 Beslissing

De rechtbank:

verleent een zorgmachtiging ten aanzien van [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1964 te [geboorteplaats] (Suriname), inhoudende dat gedurende de looptijd van de machtiging bij wijze van verplichte zorg de in rechtsoverweging 2.4 genoemde maatregelen kunnen worden getroffen;

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met uiterlijk 25 juni 2027.

Deze beschikking is op 25 juni 2026 mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door

mr. K. Duker, rechter, bijgestaan door mr. K.W. de Haan als griffier en op 1 juli 2026 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.