Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Amsterdam, 8 juni 2026
ECLI:NL:RBAMS:2026:6341Zaaknummer 787710
- Instantie
- Rechtbank Amsterdam
- Datum uitspraak
- 8 juni 2026
- Publicatiedatum
- 26 juni 2026
- Zaaknummer
- 787710
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig, Rekestprocedure, Beschikking
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Afwijzing verzoek tot verlenging van de ondertoezichtstelling. In een jaar tijd is geen effectieve uitvoering aan de lopende ondertoezichtstelling gegeven wegens capaciteitsproblemen bij de GI. Intussen heeft de moeder zelf passende hulp gevonden. De kinderrechter ziet geen toegevoegde waarde van een ondertoezichtstelling, temeer gelet op het feit dat deze tot nu toe een lege huls was.
6 De beslissing
De kinderrechter:
wijst af het verzoek van de GI om de ondertoezichtstelling van [minderjarige] te verlengen.
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
| Deze beschikking is mondeling gegeven op 8 juni 2026 door mr. A. van Luijck, kinderrechter in tegenwoordigheid van mr. S. Pattiasina als griffier, en op schrift gesteld op 22 juni 2026. |
Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:
- door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.
Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend bij de griffie van het gerechtshof te Amsterdam.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
Familie- en Jeugdrecht
Zaaknummer: C/13/787710 / JE RK 26/371
Datum uitspraak: 8 juni 2026
Beschikking van de kinderrechter over een verlenging van de ondertoezichtstelling
in de zaak van
de gecertificeerde instelling William Schrikker Jeugdbescherming en Jeugdreclassering, gevestigd te Amsterdam, hierna te noemen: de GI,
over de minderjarige
[minderjarige], geboren op [geboortedag] 2015 in [geboorteplaats], hierna te noemen [minderjarige].
De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:
[de moeder], wonende in [woonplaats], hierna te noemen de moeder,
advocaat mr. R.S. Rabarison te Amsterdam,
1 Het verloop van de procedure
De kinderrechter heeft kennisgenomen van de volgende stukken:
- het verzoekschrift met bijlagen van de GI, ingekomen op 12 mei 2026;
- het verweerschrift met bijlagen van de moeder, ingekomen op 3 juni 2026.
De mondelinge behandeling met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 8 juni 2026. Daarbij waren aanwezig:
- de moeder met haar advocaat, en
- mevrouw [persoon 1] namens de GI.
De kinderrechter heeft [minderjarige] met een brief uitgenodigd voor een gesprek. [minderjarige] heeft daar geen gebruik van gemaakt.
2 De feiten
De moeder is belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige].
[minderjarige] woont bij haar moeder samen met haar halfbroertje [persoon 2] en halfzusjes [persoon 3] en [persoon 4].
Bij beschikking van 11 juni 2025 is [minderjarige] onder toezicht gesteld van de GI tot 11 juni 2026.
3 Het verzoek
De GI verzoekt de ondertoezichtstelling van [minderjarige] te verlengen voor de duur van één jaar en de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.
4 De standpunten
De GI
Vanwege een wisselende bezetting van jeugdbeschermers en wachtlijsten in de hulpverlening, is de GI er het afgelopen jaar niet in geslaagd de nodige hulpverlening voor [minderjarige] op te starten. Aan de zorgen die de kinderrechter bij het uitspreken van de ondertoezichtstelling zag, is vanuit de GI niets aan gedaan. De moeder heeft intussen zelf hulp gezocht en gevonden.
De moeder en haar advocaat
De moeder stond altijd open voor hulp. Nu de hulp vanuit de GI uitbleef, heeft zij zelf hulp georganiseerd rondom haar gezin. De moeder heeft een vaste lijn met het Ouder- en Kindteam. Ook heeft zij hulp van Zorgeloos Ambulant bij administratieve zaken. [minderjarige] is inmiddels voor behandeling aangemeld bij Levvel. Ook met school is goed contact. De moeder stelt zich op het standpunt dat er geen regievoerder nodig is. Zij regelt zelf de hulp die nodig is.
5 De beoordeling
Ter zitting is gebleken dat er in het afgelopen jaar geen effectieve uitvoering aan de ondertoezichtstelling is gegeven wegens capaciteitsproblemen bij de GI. Er is dus niet gewerkt aan het wegnemen van de zorgen over de ontwikkeling van [minderjarige], die in de beschikking van de kinderrechter van 11 juni 2026 waren opgenomen. Intussen heeft de moeder zelf, in samenwerking met het Ouder- en Kindteam, passende hulp voor [minderjarige] gevonden en is zij aangemeld bij Levvel. De kinderrechter heeft vertrouwen dat de moeder zelf zal blijven werken aan het wegnemen van de zorgen over [minderjarige] en daarmee de bedreigde ontwikkeling van [minderjarige]. Er is geen toegevoegde waarde van een ondertoezichtstelling, temeer gelet op het feit dat deze tot nu toe een lege huls was. Om die reden zal de kinderrechter het verzoek van de GI afwijzen. De GI heeft ter zitting toegezegd te zorgen voor een warme overdracht naar het Ouder- en Kindteam.
De kinderrechter verklaart de beslissing uitvoerbaar bij voorraad, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat.
Er wordt als volgt beslist.
6 De beslissing
De kinderrechter:
wijst af het verzoek van de GI om de ondertoezichtstelling van [minderjarige] te verlengen.
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
| Deze beschikking is mondeling gegeven op 8 juni 2026 door mr. A. van Luijck, kinderrechter in tegenwoordigheid van mr. S. Pattiasina als griffier, en op schrift gesteld op 22 juni 2026. |
Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:
- door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.
Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend bij de griffie van het gerechtshof te Amsterdam.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.