Uitspraak · Verbintenissenrecht

Rechtbank Amsterdam, 25 juli 2025

ECLI:NL:RBAMS:2025:5568Zaaknummer 11662866 \ CV EXPL 25-6279

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
25 juli 2025
Publicatiedatum
14 augustus 2025
Zaaknummer
11662866 \ CV EXPL 25-6279
Rechtsgebied
Civiel recht, Verbintenissenrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Proceskostenveroordeling, Verstek
Zittingsplaats
Amsterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Verstek. Ambtshalve toetsing consumentenrecht. Kinderopvang. Opgedragen om akte te nemen over de informatieplichten, omdat over de naleving daarvan niets is gesteld in de dagvaarding. Geen akte genomen. Hierdoor is toetsing van informatieplichten niet mogelijk. Vordering afgewezen, niet voldaan aan stelplicht.

3 De beslissing

De kantonrechter

3.1.

wijst de vordering af,

3.2.

veroordeelt eisende partij in de proceskosten, aan de zijde van gedaagde partij begroot op nihil.

Dit vonnis is gewezen door mr. E. Pennink en in het openbaar uitgesproken op 25 juli 2025.

991

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De procedure
  2. 2 De verdere beoordeling
  3. 3 De beslissing

RECHTBANK AMSTERDAM

Civiel recht

Kantonrechter

Zaaknummer: 11662866 \ CV EXPL 25-6279

Vonnis van 25 juli 2025

in de zaak van

STICHTING ACHMEA RECHTSBIJSTAND,

gevestigd te Tilburg,

eisende partij,

gemachtigde: Janssen & Janssen c.s.,

tegen

[gedaagde],

wonende te [woonplaats],

gedaagde partij,

niet verschenen.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit het tussenvonnis van 30 mei 2025.

1.2.

Eisende partij heeft, ondanks daartoe te zijn opgedragen, geen akte genomen.

1.3.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De verdere beoordeling

2.1.

In voornoemd tussenvonnis is geoordeeld dat eisende partij zich bij akte gemotiveerd diende uit te laten over de naleving van de informatieplichten, omdat hierover geen stellingen in de dagvaarding waren opgenomen. Daarbij diende zij in te gaan op de vraag waarom de overeenkomsten niet waren ondertekend, terwijl deze volgens eisende partij ter plaatse op de opvanglocatie waren gesloten, zodat ondertekening voor de hand lag. Tot slot heeft eisende partij de gelegenheid gekregen zich uit te laten over het voornemen van de kantonrechter om het prijswijzigingsbeding, dat als oneerlijk is aangemerkt, te vernietigen.

2.2.

Nu eisende partij geen akte heeft genomen, is onvoldoende gesteld over de informatieplichten, waarvan de kantonrechter ambtshalve moet toetsen in hoeverre die zijn nageleefd. Verwezen wordt naar ECLI:NL:HR:2021:1677, rechtsoverweging 3.1.17.

2.3.

Geoordeeld wordt dan ook dat eisende partij niet heeft voldaan aan haar stelplicht. Dat leidt tot afwijzing van de vordering.

2.4.

Eisende partij wordt als de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de proceskosten aan de zijde van gedaagde partij, tot op heden begroot op nihil.

3 De beslissing

De kantonrechter

3.1.

wijst de vordering af,

3.2.

veroordeelt eisende partij in de proceskosten, aan de zijde van gedaagde partij begroot op nihil.

Dit vonnis is gewezen door mr. E. Pennink en in het openbaar uitgesproken op 25 juli 2025.

991

Deze uitspraak verwijst naar

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.