Uitspraak · Internationaal strafrecht

Rechtbank Amsterdam, 14 juni 2024

ECLI:NL:RBAMS:2024:4278Zaaknummer 13/095478-24 (EAB II)

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
14 juni 2024
Publicatiedatum
19 juli 2024
Zaaknummer
13/095478-24 (EAB II)
Rechtsgebied
Strafrecht, Internationaal strafrecht
Procedure
Eerste en enige aanleg
Zittingsplaats
Amsterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Kroatisch vervolgings-EAB. Heropening en schorsing om tegelijkertijd uitspraak te kunnen doen met EAB III.

3 Beslissing

HEROPENT en SCHORST het onderzoek ter zitting tot een nader te bepalen zittingsdatum en -tijd, zodat gelijktijdig uitspraak kan worden gedaan in de zaken van EAB's met parketnummers 13/088356-24 (EAB I) en 13/154458-24 (EAB III);

VERLENGT de termijn waarbinnen de rechtbank op grond van artikel 22, eerste en derde lid, OLW uitspraak moet doen op grond van artikel 22, vijfde lid, OLW met dertig dagen – ingaande op het moment waarop de termijn van 90 dagen verstrijkt – onder gelijktijdige verlenging van de gevangenneming met dertig dagen op grond van artikel 27, derde lid, OLW;

BEPAALT dat de zaak binnen een termijn van 30 dagen weer op zitting dient te worden aangebracht.

BEVEELT de oproeping van de opgeëiste persoon tegen een nader te bepalen datum en

tijdstip, met tijdige kennisgeving daarvan aan zijn raadsvrouw.

Deze uitspraak is gedaan door

mr. J.P.W. Helmonds, voorzitter,

mrs. E. Biçer en A.R. Vlierhuis, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. V.D. Bennett, griffier,

en in het openbaar uitgesproken op de zitting van 14 juni 2024.

Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
  2. 1 Procesgang
  3. 2 Identiteit van de opgeëiste persoon
  4. 2 Heropening
  5. 3 Beslissing

RECHTBANK AMSTERDAM

INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER

Parketnummer: 13/095478-24 (EAB II)

Datum uitspraak: 14 juni 2024

TUSSEN-UITSPRAAK

op de vordering van 9 april 2024 van de officier van justitie bij deze rechtbank tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB).[_2e9a61af-340e-447c-9a9e-d72550a4a5a6]

Dit EAB is uitgevaardigd op 11 augustus 2022 door the Municipal Court in Slavonski Brod, Kroatië (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:

[opgeëiste persoon],

geboren op [geboortedag] 1981 te [geboorteplaats] (Joegoslavië),

ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres:

[adres],

hierna ‘de opgeëiste persoon’.

1 Procesgang

De behandeling van het EAB heeft plaatsgevonden op de zitting van 4 juni 2024, in aanwezigheid van mr. M. Al Mansouri, officier van justitie. De opgeëiste persoon is verschenen en is bijgestaan door zijn raadsvrouw, mr. N.F.M. van Osta, advocaat in ’s-Gravenhage.

De raadsvrouw heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van de Overleveringswet (OLW) uitspraak moet doen over de verzochte overlevering met 30 dagen verlengd.[_63e835d6-a578-4497-a221-389e7cc78a17]

2 Identiteit van de opgeëiste persoon

Ter zitting heeft de opgeëiste persoon verklaard dat de bovenvermelde persoonsgegevens juist zijn en dat hij de Kroatische nationaliteit heeft.

2 Heropening

De rechtbank schorst het onderzoek ter terechtzitting om tegelijkertijd uitspraak te kunnen doen in de zaak van het EAB met parketnummer 13/154458-24 (EAB III).

3 Beslissing

HEROPENT en SCHORST het onderzoek ter zitting tot een nader te bepalen zittingsdatum en -tijd, zodat gelijktijdig uitspraak kan worden gedaan in de zaken van EAB's met parketnummers 13/088356-24 (EAB I) en 13/154458-24 (EAB III);

VERLENGT de termijn waarbinnen de rechtbank op grond van artikel 22, eerste en derde lid, OLW uitspraak moet doen op grond van artikel 22, vijfde lid, OLW met dertig dagen – ingaande op het moment waarop de termijn van 90 dagen verstrijkt – onder gelijktijdige verlenging van de gevangenneming met dertig dagen op grond van artikel 27, derde lid, OLW;

BEPAALT dat de zaak binnen een termijn van 30 dagen weer op zitting dient te worden aangebracht.

BEVEELT de oproeping van de opgeëiste persoon tegen een nader te bepalen datum en

tijdstip, met tijdige kennisgeving daarvan aan zijn raadsvrouw.

Deze uitspraak is gedaan door

mr. J.P.W. Helmonds, voorzitter,

mrs. E. Biçer en A.R. Vlierhuis, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. V.D. Bennett, griffier,

en in het openbaar uitgesproken op de zitting van 14 juni 2024.

Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.