Uitspraak · Europees strafrecht

Rechtbank Amsterdam, 30 april 2024

ECLI:NL:RBAMS:2024:2857Zaaknummer 24-009210

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
30 april 2024
Publicatiedatum
6 juni 2024
Zaaknummer
24-009210
Rechtsgebied
Strafrecht, Europees strafrecht
Procedure
Beschikking
Zittingsplaats
Amsterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Klaagschrift Duitsland. Klaagster niet-ontvankelijk aangezien tegen inbeslagname op grond van een EAB geen beklag open staat.

7 Beslissing

De rechtbank verklaart klaagster niet-ontvankelijk in haar klaagschrift.

Deze beslissing is op 30 april 2024 gegeven en in het openbaar uitgesproken door:

mr. Ch. A. van Dijk, voorzitter,

mrs. P. Sloot en H.P. Kijlstra, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. E.A. Harland, griffier.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
  2. 1 Procesgang
  3. 2 Feiten en omstandigheden
  4. 3 Inhoud klaagschrift en standpunt klager
  5. 4 Standpunt van het Openbaar Ministerie
  6. 5 Standpunt van de raadsman
  7. 6 Het oordeel van de rechtbank
  8. 7 Beslissing

RECHTBANK AMSTERDAM

INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER

RK nummer: 24-009210

Datum beschikking: 30 april 2024

BESCHIKKING

op het klaagschrift ex artikel 5.4.10 in verbinding met artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering van:

[klaagster],

geboren in [geboorteplaats] op [geboortedag] 1993,

ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres:

[adres],

klaagster.

1 Procesgang

Het klaagschrift is op 9 april 2024 ingediend op de griffie van deze rechtbank.

De rechtbank heeft op 30 april 2024 het klaagschrift behandeld en klaagster, haar raadsman, mr.A.A.T.X. Vonken, advocaat in Maastricht en de officier van justitie, mr. K. van der Schaft, in openbare raadkamer gehoord.

2 Feiten en omstandigheden

De Duitse autoriteiten hebben door middel van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) van 17 januari 2024 verzocht om inbeslagneming en overdracht van voorwerpen die als bewijsmiddel kunnen dienen, zijnde de mobiele telefoon die klaagster bij zich heeft, in verband met een strafrechtelijk onderzoek tegen haar voor de strafbare feiten zoals omschreven in het EAB.

3 Inhoud klaagschrift en standpunt klager

Het klaagschrift strekt tot teruggave van de telefoon aan klaagster omdat geen enkel strafvorderlijk belang zich daartegen zou verzetten.

4 Standpunt van het Openbaar Ministerie

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat tegen inbeslagname op grond van een EAB geen beklagmogelijkheid open staat.

5 Standpunt van de raadsman

De raadsman heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

6 Het oordeel van de rechtbank

Met de officier van justitie is de rechtbank van oordeel dat klaagster niet-ontvankelijk in haar klaagschrift moeten worden verklaard. Bij uitspraak van 14 mei 2024 over het Europees aanhoudingsbevel (EAB) dat de Duitse justitiële autoriteiten tegen klaagster hebben uitgevaardigd, heeft de rechtbank namelijk geoordeeld dat de inbeslagname van de mobiele telefoon op grond van het EAB is geschied. Hiertegen is geen beklag op grond van artikel 552a Sv mogelijk.

Gelet hierop zal de rechtbank klaagster niet-ontvankelijk verklaren.

7 Beslissing

De rechtbank verklaart klaagster niet-ontvankelijk in haar klaagschrift.

Deze beslissing is op 30 april 2024 gegeven en in het openbaar uitgesproken door:

mr. Ch. A. van Dijk, voorzitter,

mrs. P. Sloot en H.P. Kijlstra, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. E.A. Harland, griffier.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.