Uitspraak · Verbintenissenrecht

Rechtbank Amsterdam, 7 april 2022

ECLI:NL:RBAMS:2022:1425Zaaknummer 9559619 CV EXPL 21-16789

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
7 april 2022
Publicatiedatum
12 april 2022
Zaaknummer
9559619 CV EXPL 21-16789
Rechtsgebied
Civiel recht, Verbintenissenrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Amsterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Verstek. Gesteld dat overeenkomst met consument is, maar blijkt een zakelijk contract voor café te zijn, gevestigd op een ander adres dan het woonadres van gedaagde. Daarom geen ambtshalve toetsing. Geen aanleiding tot nemen van instructiemaatregelen.

Beslissing

De kantonrechter:

veroordeelt gedaagde tot betaling aan eiseres van:- € 2.268,94 aan hoofdsom, vermeerderd met de wettelijke handelsrente vanaf 16 november 2021 tot de dag van de voldoening;- € 538,80 aan rente, berekend tot 16 november 2021;- € 411,81 aan buitengerechtelijke kosten;

veroordeelt gedaagde in de kosten van het geding, tot op heden aan de zijde van eiseres begroot op:exploot € 121,39salaris € 218,00griffierecht € 507,00 -----------------totaal € 846,39voor zover van toepassing, inclusief btw;

veroordeelt gedaagde in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op € 62,00 aan salaris gemachtigde, een en ander voor zover van toepassing inclusief btw;

verklaart de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad;

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. E. Pennink, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 7 april 2022 in tegenwoordigheid van de griffier.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. [gedaagde]
  2. Verloop van de procedure
  3. Gronden van de beslissing
  4. Beslissing

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht

zaaknummer: 9559619 CV EXPL 21-16789

vonnis van: 7 april 2022

fno.: 991

vonnis van de kantonrechter

i n z a k e

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Intrum Nederland B.V.

gevestigd te Amersfoort

eiseres

gemachtigde: Inkassier Gerechtsdeurwaarders & Incasso

t e g e n

[gedaagde]

wonende te [woonplaats]

gedaagde

niet verschenen

Verloop van de procedure

Bij dagvaarding van 19 november 2021 heeft eiseres gevorderd dat gedaagde zal worden veroordeeld tot betaling van € 3.225,13 met nevenvordering(en), zoals nader in de dagvaarding omschreven.

Gedaagde heeft niet (tijdig) geantwoord en evenmin uitstel gevraagd, zodat tegen deze verstek is verleend. Vervolgens is een datum voor vonnis bepaald.

Gronden van de beslissing

  • Eiseres stelt weliswaar dat gedaagde als consument online een overeenkomst heeft gesloten met Nuon Sales Nederland N.V., thans genaamd Vattenfall Sales Nederland N.V., maar uit de contractbevestiging van 10 februari 2014 blijkt dat het om een energieleveringsovereenkomst voor ‘ [naam bedrijf] ’ gaat, gevestigd op een ander adres dan het woonadres van gedaagde. Bovendien blijkt dat het om de levering van ‘Zakelijk Voordeel Elektriciteit’ en ‘Zakelijk Voordeel Gas’ is gegaan. Hieruit leidt de kantonrechter af dat geen sprake is van een overeenkomst met een consument. In dat geval is ambtshalve toetsing niet aan de orde.
  • Weliswaar blijkt uit het voorgaande dat eiseres de voor de beslissing van belang zijnde feiten in de dagvaarding niet naar waarheid heeft aangevoerd, maar de kantonrechter ziet onvoldoende aanleiding om hieraan gevolgen te verbinden, omdat niet is gebleken dat gedaagde is benadeeld. Bovendien ziet de kantonrechter geen aanleiding om overeenkomstig hetgeen is overwogen in het arrest van de Hoge Raad van 12 november 2021 (ECLI:NL:HR:2021:1677, r.o. 3.1.17) nadere instructiemaatregelen te nemen.
  • De vordering komt niet onrechtmatig of ongegrond voor en wordt daarom toegewezen.

Beslissing

De kantonrechter:

veroordeelt gedaagde tot betaling aan eiseres van:- € 2.268,94 aan hoofdsom, vermeerderd met de wettelijke handelsrente vanaf 16 november 2021 tot de dag van de voldoening;- € 538,80 aan rente, berekend tot 16 november 2021;- € 411,81 aan buitengerechtelijke kosten;

veroordeelt gedaagde in de kosten van het geding, tot op heden aan de zijde van eiseres begroot op:exploot € 121,39salaris € 218,00griffierecht € 507,00 -----------------totaal € 846,39voor zover van toepassing, inclusief btw;

veroordeelt gedaagde in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op € 62,00 aan salaris gemachtigde, een en ander voor zover van toepassing inclusief btw;

verklaart de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad;

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. E. Pennink, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 7 april 2022 in tegenwoordigheid van de griffier.

Deze uitspraak verwijst naar

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.