Uitspraak · Bestuursrecht
Rechtbank Amsterdam, 27 mei 2021
ECLI:NL:RBAMS:2021:3892Zaaknummer AMS 20/6807
- Instantie
- Rechtbank Amsterdam
- Datum uitspraak
- 27 mei 2021
- Publicatiedatum
- 6 september 2021
- Zaaknummer
- AMS 20/6807
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht
- Procedure
- Eerste en enige aanleg, Proces-verbaal
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Mondelinge uitspraak, beroep ongegrond. Verweerder heeft het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard, er is geen sprake van verschoonbare termijnoverschrijding. De rechtsmiddelenclausule was voldoende duidelijk.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Overwegingen
1. De rechtbank geeft hiervoor de volgende motivering.
2. Vast staat dat het bezwaarschrift te laat is ingediend. De rechtbank moet daarom beoordelen of er sprake is van verschoonbare termijnoverschrijding. Op basis van de tekst van het primaire besluit, dacht [eiseres] dat zij eerst moest bellen naar de SVB voordat ze bezwaar kon maken. In het primaire besluit staat echter vermeld op welke wijze en binnen welke termijn bezwaar moet worden gemaakt. Ook de medewerker van de SVB, die [eiseres] op 5 augustus 2020 heeft gesproken, heeft gewezen op het belang van de termijn waarbinnen bezwaar moet worden gemaakt.
3. De rechtbank is van oordeel dat de rechtsmiddelenclausule in het primaire besluit voldoende duidelijk is: er staat vermeld dat een bezwaarschrift uiterlijk 10 september 2020 ontvangen moet zijn, en dat het bezwaar anders niet behandeld kan worden. Ook staat vermeld op welke wijze dit kan: schriftelijk of digitaal. Daarmee is [eiseres] voldoende geïnformeerd over de bezwaarmogelijkheid, en kan redelijkerwijs worden aangenomen dat het haar bekend was dat het bezwaar te laat zou zijn als zij de termijn aan zich voorbij zou laten gaan. Als [eiseres] de rechtsmiddelenclausule niet goed begreep, dan lag het op haar weg om daarover advies te vragen. Van een verschoonbare termijnoverschrijding is geen sprake. De SVB heeft het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.M. van der Linden-Kaajan, rechter, in aanwezigheid van mr. R. Camps, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 27 mei 2021.
griffier
rechter
De rechter is verhinderd te ondertekenen.
Afschrift verzonden aan partijen op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan hoger beroep worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep. Als hoger beroep is ingesteld, kan bij de voorzieningenrechter van de hogerberoepsrechter worden verzocht om het treffen van een voorlopige voorziening.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
Bestuursrecht
zaaknummer: AMS 20/6807
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 27 mei 2021 in de zaak tussen
[eiseres] , te [woonplaats] (Suriname), eiseres
(gemachtigde: mr. W. Hoebba),
en
de raad van bestuur van de Sociale Verzekeringsbank (SVB), verweerder
(gemachtigde: mr. E.M. Mulder).
Partijen worden hierna aangeduid als [eiseres] en de SVB.
Procesverloop
Met een besluit van 30 juli 2020 (het primaire besluit) heeft de SVB de Anw[_927898e8-1c39-4155-920e-4292582a0e19]-uitkering van [eiseres] ingetrokken over de periode augustus 2012 tot en met juli 2019.
Met een besluit van 13 november 2020 (het bestreden besluit) heeft de SVB het bezwaar van [eiseres] niet-ontvankelijk verklaard, omdat het bezwaarschrift te laat is ingediend.
[eiseres] heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. De SVB heeft een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 27 mei 2021 via een videoverbinding.
[eiseres] en de SVB hebben zich laten vertegenwoordigen door hun gemachtigden.
Aan het einde van de zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Overwegingen
1. De rechtbank geeft hiervoor de volgende motivering.
2. Vast staat dat het bezwaarschrift te laat is ingediend. De rechtbank moet daarom beoordelen of er sprake is van verschoonbare termijnoverschrijding. Op basis van de tekst van het primaire besluit, dacht [eiseres] dat zij eerst moest bellen naar de SVB voordat ze bezwaar kon maken. In het primaire besluit staat echter vermeld op welke wijze en binnen welke termijn bezwaar moet worden gemaakt. Ook de medewerker van de SVB, die [eiseres] op 5 augustus 2020 heeft gesproken, heeft gewezen op het belang van de termijn waarbinnen bezwaar moet worden gemaakt.
3. De rechtbank is van oordeel dat de rechtsmiddelenclausule in het primaire besluit voldoende duidelijk is: er staat vermeld dat een bezwaarschrift uiterlijk 10 september 2020 ontvangen moet zijn, en dat het bezwaar anders niet behandeld kan worden. Ook staat vermeld op welke wijze dit kan: schriftelijk of digitaal. Daarmee is [eiseres] voldoende geïnformeerd over de bezwaarmogelijkheid, en kan redelijkerwijs worden aangenomen dat het haar bekend was dat het bezwaar te laat zou zijn als zij de termijn aan zich voorbij zou laten gaan. Als [eiseres] de rechtsmiddelenclausule niet goed begreep, dan lag het op haar weg om daarover advies te vragen. Van een verschoonbare termijnoverschrijding is geen sprake. De SVB heeft het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.M. van der Linden-Kaajan, rechter, in aanwezigheid van mr. R. Camps, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 27 mei 2021.
griffier
rechter
De rechter is verhinderd te ondertekenen.
Afschrift verzonden aan partijen op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan hoger beroep worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep. Als hoger beroep is ingesteld, kan bij de voorzieningenrechter van de hogerberoepsrechter worden verzocht om het treffen van een voorlopige voorziening.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.