Uitspraak · Civiel recht
Rechtbank Amsterdam, 14 juni 2019
ECLI:NL:RBAMS:2019:3864Zaaknummer 7453869 CV EXPL 19-699
- Instantie
- Rechtbank Amsterdam
- Datum uitspraak
- 14 juni 2019
- Publicatiedatum
- 21 juli 2026
- Zaaknummer
- 7453869 CV EXPL 19-699
- Rechtsgebied
- Civiel recht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig, Proceskostenveroordeling, Op tegenspraak
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Financiële onmacht geen ontheffing van betalingsverplichting
BESLISSING
De kantonrechter:
veroordeelt [gedaagde] tot betaling aan Zilveren Kruis van:
- € 637,93 aan hoofdsom, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 18 december 2018 tot aan de voldoening;
- € 245,92 aan buitengerechtelijke incassokosten;
- € 12,70 aan rente;
veroordeelt [gedaagde] in de kosten van het geding, tot op heden aan de zijde van Zilveren Kruis begroot op:exploot € 101,89 salaris € 240,00griffierecht € 486,00 ----------------totaal € 827,89voor zover van toepassing, inclusief btw;
veroordeelt [gedaagde] in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op € 60,00 aan salaris gemachtigde, te verhogen met een bedrag van € 68,00 en de explootkosten van betekening van het vonnis, een en ander voor zover van toepassing inclusief btw, onder de voorwaarde dat [gedaagde] niet binnen veertien dagen na aanschrijving volledig aan dit vonnis heeft voldaan en betekening van het vonnis pas na veertien dagen na aanschrijving heeft plaatsgevonden;
verklaart de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad;
wijst het meer of anders gevorderde af.
Aldus gewezen door mr. C. W. Inden, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 14 juni 2019 in tegenwoordigheid van de griffier.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
vonnis
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling privaatrecht
zaaknummer: 7453869 CV EXPL 19-699
vonnis van: 14 juni 2019
fno.: 452
vonnis van de kantonrechter
I n z a k e
de naamloze vennootschap Zilveren Kruis Zorgverzekeringen N.V.
gevestigd te Utrecht
eiseres
nader te noemen: Zilveren Kruis
gemachtigde: GGN Mastering Credit Rotterdam
t e g e n
[gedaagde]
wonende te [woonplaats]
gedaagde
nader te noemen: [gedaagde]
procederend in persoon
VERLOOP VAN DE PROCEDURE
- dagvaarding van 18 december 2018 met producties;
- conclusie van antwoord met één productie;
- instructievonnis;
- conclusie van repliek tevens houdende vermindering van eis met producties;
- proces-verbaal van mondelinge dupliek met producties;
- akte uitlating producties van Zilveren Kruis;
- dagbepaling vonnis.
GRONDEN VAN DE BESLISSING
Feiten
1. Als enerzijds gesteld en anderzijds erkend of niet (voldoende) weersproken, alsmede op grond van de overgelegde en in zoverre niet bestreden inhoud van de bewijsstukken, staat in dit geding het volgende vast:
[gedaagde] heeft met Zilveren Kruis een zorgverzekeringsovereenkomst gesloten.
De premie dient maandelijks bij vooruitbetaling te worden betaald.
De gemachtigde van Zilveren Kruis heeft [gedaagde] diverse zogeheten 14-dagenbrieven gezonden waarin zij [gedaagde] aanmaant premieachterstand en kosten eigen risico te betalen, bij gebreke waarvan buitengerechtelijke kosten zijn aangezegd.
Bij brief van 18 september 2018 heeft de gemachtigde van Zilveren Kruis een tussen partijen overeengekomen betalingsregeling van € 100,00 per maand bevestigd voor een achterstallige hoofdsom van € 1.548,37 met rente en kosten. De betalingsregeling gold tevens voor een schuld bij GVB Exploitatie B.V.
Op 4 oktober 2018 heeft [gedaagde] eenmalig € 100,00 in mindering voldaan. Omdat [gedaagde] de betalingsregeling verder niet is nagekomen is deze komen te vervallen en heeft Zilveren Kruis bij brief van 29 november 2018 de vordering ineens opgeëist met als hoofdsom (inmiddels) € 1.789,27.
Vóór dagvaarding heeft [gedaagde] nog € 896,44 in mindering voldaan.
Na dagvaarding heeft [gedaagde] nog € 254,90 in mindering voldaan.
Vordering en verweer
2. Zilveren Kruis vordert -na vermindering van eis- dat [gedaagde] bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis veroordeeld zal worden tot betaling van:a. € 637,93 aan hoofdsom; b. € 245,92 aan buitengerechtelijke incassokosten; c. € 12,70 aan rente, berekend tot 18 december 2018; d. rente over het onder a tot en met c gevorderde vanaf 18 december 2018;e. de proceskosten.
3. Zilveren Kruis stelt dat [gedaagde] een betalingsachterstand heeft, die zij ondanks aanmaning en sommaties niet heeft voldaan.
4. [gedaagde] heeft bij antwoord verweer gevoerd tegen de vordering, maar heeft bij dupliek de vordering alsnog erkend. Zij beroept zich op betalingsonmacht en verzoekt om een betalingsregeling. Tevens verzoekt zij Zilveren Kruis om akkoord te gaan met een lagere proceskostenveroordeling, omdat [gedaagde] bij haar moeder woont, student is en leeft van € 100,00 per maand.
5. Zilveren Kruis heeft daarop aangegeven niet bereid te zijn een deel van de proceskosten voor haar rekening te nemen. Wel is zij bereid om nadat het vonnis is gewezen een betalingsregeling met [gedaagde] te treffen.
Beoordeling
6. De vordering is als erkend toewijsbaar, behoudens voor zover een deel van het gevorderde niet is toegewezen en/of hieronder anders is overwogen.
7. De gevorderde wettelijke rente over de rente en de buitengerechtelijke kosten zal als onvoldoende onderbouwd worden afgewezen.
8. [gedaagde] wordt als de in het ongelijk gestelde partij met de proceskosten belast.
9. Financiële onmacht ontheft [gedaagde] niet van haar betalingsverplichting. De kantonrechter kan Zilveren Kruis niet bij vonnis verplichten met betaling in termijnen genoegen te nemen. Voor een betalingsregeling dient [gedaagde] zich te wenden tot de gemachtigde van Zilveren Kruis. Daartoe heeft Zilveren Kruis zich ook bereid verklaard.
BESLISSING
De kantonrechter:
veroordeelt [gedaagde] tot betaling aan Zilveren Kruis van:
- € 637,93 aan hoofdsom, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 18 december 2018 tot aan de voldoening;
- € 245,92 aan buitengerechtelijke incassokosten;
- € 12,70 aan rente;
veroordeelt [gedaagde] in de kosten van het geding, tot op heden aan de zijde van Zilveren Kruis begroot op:exploot € 101,89 salaris € 240,00griffierecht € 486,00 ----------------totaal € 827,89voor zover van toepassing, inclusief btw;
veroordeelt [gedaagde] in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op € 60,00 aan salaris gemachtigde, te verhogen met een bedrag van € 68,00 en de explootkosten van betekening van het vonnis, een en ander voor zover van toepassing inclusief btw, onder de voorwaarde dat [gedaagde] niet binnen veertien dagen na aanschrijving volledig aan dit vonnis heeft voldaan en betekening van het vonnis pas na veertien dagen na aanschrijving heeft plaatsgevonden;
verklaart de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad;
wijst het meer of anders gevorderde af.
Aldus gewezen door mr. C. W. Inden, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 14 juni 2019 in tegenwoordigheid van de griffier.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.