Uitspraak · Civiel recht
Rechtbank Amsterdam, 29 januari 2018
ECLI:NL:RBAMS:2018:409Zaaknummer CV 17-14388
- Instantie
- Rechtbank Amsterdam
- Datum uitspraak
- 29 januari 2018
- Publicatiedatum
- 15 juli 2026
- Zaaknummer
- CV 17-14388
- Rechtsgebied
- Civiel recht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig, Proceskostenveroordeling
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Opdracht tot maken communicatieconcept, logo, huisstijl, vervolgopdrachten niet overeengekomen, vrees voor inbreuk auteursrecht, geen opschortingsrecht t.a.v. leveren foto's, overeenkomst terecht ontbonden.
BESLISSING
De kantonrechter:
I. veroordeelt Dutchlabel tot betaling aan Agendum van € 3.751,00, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 19 mei 2017 tot aan de dag van volledige voldoening.
veroordeelt Dutchlabel in de kosten van het geding, tot op heden aan de zijde van Agendum begroot op:exploot € 80,42griffierecht € 470,00totaal € 950,42voor zover van toepassing, inclusief btw;
veroordeelt Dutchlabel tot betaling van een bedrag van € 50,00 aan nasalaris, alsmede tot betaling van een bedrag van € 68,00 aan kosten voor betekening onder de voorwaarde dat betekening van het vonnis heeft plaatsgevonden en Dutchlabel niet binnen 14 dagen na aanschrijving aan het vonnis heeft voldaan, een en ander voor zover van toepassing, inclusief btw;
verklaart de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad;
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. L. van Berkum, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 29 januari 2018 in tegenwoordigheid van de griffier.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
vonnis
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling privaatrecht
zaaknummer: 6093450 CV EXPL 17-14388
vonnis van: 29 januari 2018
fno.: 811
vonnis van de kantonrechter
I n z a k e
de besloten vennootschap
AGENDUM MANAGEMENT INFORMATIE B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
eiseres,
nader te noemen: Agendum,
procederend bij [gemachtigde], aan de vennootschap verbonden,
t e g e n
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
DUTCHLABEL B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
gedaagde,
nader te noemen: Dutchlabel,
gemachtigde: mr. J.A. Schaap.
VERLOOP VAN DE PROCEDURE
- de dagvaarding van 12 juni 2017 met producties;- de conclusie van antwoord met producties;- het instructievonnis van 11 september 2017;- dagbepaling comparitie.
De comparitie heeft plaatsgevonden op 7 december 2017. Voor Agendum zijn verschenen [naam medewerker 1] en [Naam 1 eiser], vergezeld door de gemachtigde. Voor Dutchlabel is [Naam 1 gedaagde] verschenen, vergezeld door mr. N.M. Ketelaar namens de gemachtigde. Ter zitting heeft de gemachtigde van Dutchlabel nadere stukken overgelegd. Partijen zijn gehoord en hebben vragen van de kantonrechter beantwoord. Ten slotte is vonnis gevraagd en is een datum voor vonnis bepaald.
GRONDEN VAN DE BESLISSING
Feiten
Agendum drijft een onderneming die zich bezig houdt met digitale parkeerhandhaving. De heer [naam medewerker 1] is statutair bestuurder van en mevrouw [Naam 1 eiser] is werkzaam voor Agendum.
Dutchlabel drijft een reclamebureau, bestaande uit een team van grafisch ontwerpers, conceptdenkers, strategen, artdirectors, copywriters en account managers op het gebied van conceptuele communicatie, waaronder logo- en huisstijlontwikkeling. Mevrouw [Naam 1 gedaagde] is statutair bestuurder van Dutchlabel.
Op 12 december 2016 heeft [Naam 1 gedaagde] een brief gestuurd aan [gemachtigde], werkneemster van Agendum, waarin onder meer het volgende is vermeld:
“(…)
Agendum heeft behoefte aan een nieuw communicatieconcept en is op zoek naar een partner die dit voor hen kan ontwikkelen. (…)
- Een communicatieconcept ontwikkelen kost 5 werkdagen (ad 4.000,- euro) (…)
- Doorvertaald in een aantal communicatie-uitingen (ad 1.000,- euro)
Daarnaast wil ik jullie graag verder helpen met suggesties voor een strategische uitrol. (…)”
Op 11 januari 2017 heeft Dutchlabel een presentatie gegeven aan het Management Team van Agendum. Direct daarna schreef [Naam 1 gedaagde] per e-mailbericht aan [gemachtigde] onder meer “Leuk dat jullie klant zijn geworden.”
Op 15 februari 2017 heeft Dutchlabel een presentatie aan Agendum gegeven met betrekking tot het door Dutchlabel voorgestelde communicatieconcept. Het (beeld)concept bestaat kort gezegd uit een beeld van een ogenschijnlijke wanorde, dat vervolgens uit elkaar is gehaald en dan in ander beeld ordelijk is gerangschikt. Als voorbeelden zijn genomen een dennentak, een bord vermicellisoep, een bakje fruitsalade en een van boven gefotografeerde weide met zonnende mensen. Dutchlabel heeft met dit idee in kleur een huisstijl met logo gepresenteerd.
Bij e-mailbericht van 15 februari 2017 heeft [Naam 1 eiser] [Naam 1 gedaagde] bedankt voor de presentatie, [Naam 1 gedaagde] gevraagd om het concept verder uit te werken en medegedeeld dat zij begrijpt dat fotografie “weer een nieuwe fase is”.
Bij e-mailbericht van 24 februari 2017 heeft [Naam 1 gedaagde] een factuur verzonden aan Agendum onder de projectnaam Conceptontwikkeling ten bedrage van € 6.050,00, bestaande uit € 3.500,00 voor “Ontwikkeling communicatieconcept”, € 500,00 voor “Doorvertaald in een aantal uitingen” en € 1.000,00 voor “een Account” en btw.
Op 25 februari 2017 is deze factuur door Agendum betaald.
Bij e-mailbericht van 17 maart 2017 heeft [gemachtigde] onder meer het volgende aan [Naam 1 gedaagde] geschreven:
“(…)
We hebben net even overlegd. We begrijpen dat jullie met een vaste fotograaf willen werken (…). De fotografie offerte van Dutchlabel is alleen bijna 2 keer zo hoog als die van [naam fotograaf] en ook vinden we het niet reëel om dan ook nog eens per jaar de rechten te moeten kopen.(…) Daarnaast houden wij vast aan de voorgestelde beelden omdat we die het beste vinden en er naar ons idee geen juridische belemmeringen zijn om het vermicelli beeld van de kunstenaar (en evt ook nog de dennentak) min of meer na te maken. (…)”
Daarop heeft [Naam 1 gedaagde] op 20 maart 2017 per e-mailbericht onder meer het volgende geantwoord:
“(…)
Het overzicht voor de kosten van de fotografie van drie beelden wordt dan:
Te gebruiken voor advertenties, posters, billboards, website en elke andere soort van promotie van Agendum voor een periode van 1 jaar. (…)
Fotografie: € 800,- (…)
Totaal: € 2.400,- (…)
Het is onmogelijk om exact dezelfde beelden te fotograferen. Je loopt daarmee het risico op een boete (…). Vraag elke jurist op het gebied van auteursrecht en hij zal het beamen. (…)
Nieuwe planning
(…)
Opleveren beelden: ma/di 27/28 maart (…)”
Op 20 maart 2017 heeft [gemachtigde] per e-mail bericht dat Agendum akkoord is met het voorstel.
Op 28 maart 2017 en op 5 april 2017 heeft Agendum € 3.146,00 respectievelijk € 605,00 aan Dutchlabel betaald, bestaande uit € 2.400,00 voor drie foto’s en € 1.351,00 voor het gebruik van de foto’s.
Bij e-mailbericht van 14 april 2017 verzoekt [Naam 1 eiser] [Naam 1 gedaagde] de foto’s te sturen. Dat heeft zij tot op heden niet gedaan.
Op 18 april 2017 heeft een telefoongesprek plaatsgevonden tussen [Naam 1 gedaagde] en een medewerker van Agendum, waarbij namens Agendum is medegedeeld dat zij geen vervolgopdrachten zou verstrekken aan Dutchlabel.
Bij e-mailbericht van 24 april 2017 heeft [Naam 1 gedaagde] aan [gemachtigde] onder meer het volgende bericht:
“(…)
Wij hebben voor jullie een communicatieconcept ontwikkeld.
Hiervoor hebben wij creatieve voorstellen gemaakt, die wij hebben gepresenteerd en deze hebben jullie ook ontvangen. Naar aanleiding van de creatieve voorstellen zijn er volgens ons conceptidee foto’s ontwikkeld. Voor het creatieve voorstel van het concept is betaald en voor de foto’s is ook betaald. Het concept dient echter nog met de gemaakte foto’s vormgegeven te worden. Het auteursrecht van het concept ligt bij ons en mag niet zomaar door een andere vormgever uitgewerkt worden. Ik stel daarom voor dat wij de benodigde uitwerkingen voor jullie maken met de benodigde foto’s. Dan is het probleem opgelost en kunnen jullie verder. (…)”.
Bij e-mailbericht van 1 mei 2017 heeft [gemachtigde] aan [Naam 1 gedaagde] onder meer geantwoord:
“(…)
We willen de uitwerkingen niet door Dutchlabel laten uitvoeren. Dus ontvangen we graag van jou de foto’s en de voorwaarden voor gebruik van het concept en anders per ommegaande ons geld terug. (…)”.
Bij e-mailbericht van 8 mei 2017 heeft [Naam 1 gedaagde] aan [naam medewerker 1] onder meer bericht:
“(…)
Ik heb voorgesteld:
1. Dat jullie het concept afkopen en verder gaan met een eigen vormgever.
2. Het concept in een aantal actuele uitwerkingen (advertentie, uitnodiging, beursstand, etc.) door ons laat uitvoeren en daarmee het werk overdraagt. (…)”.
Bij brief van 19 mei 2017 heeft Agendum vanwege het niet verstrekken van de foto’s de overeenkomst met Dutchlabel ontbonden en verzocht het reeds betaalde bedrag van € 9.801,00 binnen zeven dagen terug te betalen.
Agendum heeft inmiddels een andere huisstijl laten ontwerpen en maakt hiervan thans gebruik.
Vordering
2. Agendum vordert dat Dutchlabel bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis veroordeeld zal worden tot betaling van € 9.801,00, vermeerderd met de wettelijke handelsrente vanaf 26 mei 2017 en met de proceskosten.
3. Agendum stelt hiertoe dat zij de overeenkomst met Dutchlabel terecht buitengerechtelijk heeft ontbonden en dat Dutchlabel als gevolg daarvan gehouden is tot ongedaanmaking van de prestaties door het door Agendum betaalde bedrag aan haar terug te betalen.
4. Dutchlabel heeft verweer gevoerd. Dutchlabel betwist dat Agendum gerechtigd was om de overeenkomst buitengerechtelijk te ontbinden. Zij stelt dat zij uit de telefonische mededeling van 18 april 2017 dat Agendum niet langer met Dutchlabel wilde samenwerken, mocht afleiden dat Agendum in de nakoming van haar eigen verplichting tot het verstrekken van vervolgopdrachten tekort zou schieten en bovendien inbreuk zou gaan maken op het auteursrecht Dutchlabel, als gevolg waarvan haar verzuim zonder ingebrekestelling is ingetreden, waardoor de ontbinding geen doel heeft getroffen en van een ongedaanmakingsverplichting geen sprake is. Bovendien voert Dutchlabel aan dat het haar vrij stond om de verplichting om foto’s te leveren op te schorten, omdat zij goede grond had om te vrezen dat Agendum haar daartegenover staande verplichting niet zou nakomen. Verder rechtvaardigt de tekortkoming, voor zover daarvan al sprake is, de ontbinding niet. Tot slot kunnen volgens Dutchlabel de geleverde diensten niet ongedaan gemaakt worden.
Beoordeling
5. Tussen partijen is niet in geschil dat Agendum Dutchlabel opdracht heeft gegeven om een communicatieconcept te ontwikkelen. Dutchlabel heeft op 15 februari 2017 een presentatie gehouden en de daarvoor op 24 februari 2017 verstuurde factuur, met daarin vermeld de post “communicatieconcept” heeft Agendum ook betaald. Verder is niet in geschil dat Agendum vervolgens aan Dutchlabel, na onderhandeling hierover, een tweede opdracht heeft gegeven om drie foto’s te maken, dat zij het gebruik daarvan voor een jaar heeft afgekocht en dat zij het geoffreerde bedrag daarvoor heeft betaald. Agendum stelt dat Dutchlabel door vervolgens de foto’s niet te leveren tekort is geschoten in de nakoming van haar verplichtingen. Dutchlabel voert echter aan dat Agendum gehouden was om vervolgopdrachten aan haar te verstrekken ter uitvoering van het concept. Nu Agendum deze opdrachten niet wenste te verstrekken, is Dutchlabel van mening dat zij het leveren van de foto’s mocht weigeren c.q. opschorten.
6. Gesteld noch gebleken is echter dat bij het aangaan van de opdracht om een communicatieconcept te ontwikkelen Dutchlabel het overeenkomen van vervolgopdrachten heeft bedongen. De omstandigheid dat op het concept (zoals gepresenteerd op 15 februari 2017) auteursrecht rust, zoals Dutchlabel stelt, als gevolg waarvan alleen Dutchlabel bevoegd zou zijn om het concept uit te werken, maakt nog niet dat zij kan afdwingen dat Agendum, zonder daarmee expliciet ingestemd te hebben, deze vervolgopdrachten ook aan haar dient te verstrekken, dan wel het auteursrecht dat op het concept rust van haar dient af te kopen. Uit de stellingen van Agendum blijkt dat Agendum niet is geïnformeerd over de volgens Dutchlabel op het concept rustende auteursrechtelijke bescherming. Dit blijkt ook uit het e-mailbericht van 17 maart 2017. Agendum verkeerde kennelijk in de veronderstelling dat zij het door Dutchlabel ontwikkelde concept, zonder nadere kosten, zelf verder kon (laten) uitvoeren. Het had op de weg van Dutchlabel gelegen om als professioneel reclamebureau Agendum bij het aangaan van de opdracht over het volgens haar toepasselijke auteursrecht te informeren. Nu gesteld noch gebleken is dat zij dit voldoende heeft gedaan, mocht Dutchlabel er niet gerechtvaardigd op vertrouwen dat Agendum bij het verstrekken van de aanvankelijke opdracht voor een communicatieconcept ook de bedoeling heeft gehad om Dutchlabel verdere opdrachten te verstrekken en kan dan ook niet worden geconcludeerd dat dit tussen partijen is overeengekomen.
7. De vrees dat Agendum bij het verstrekken van de foto’s in strijd zou gaan handelen met haar auteursrechtelijke bescherming is evenmin grond om de levering van de foto’s op te schorten. Vrees voor inbreuk, is daarvoor, zonder nadere toelichting, die ontbreekt, onvoldoende. Op dat moment stond bovendien niet vast dat gebruik door Agendum van de foto’s ook daadwerkelijk strijd met haar auteursrecht zou opleveren. Niet kan dan ook worden vastgesteld dat Agendum is tekortgeschoten in haar verplichtingen, zodat voor Dutchlabel geen grond bestond om haar verplichting tot levering van de foto’s op te schorten. Dutchlabel is dan ook tekort geschoten in haar (vervolg) opdracht om deze foto’s (op 27/28 maart 2017) te leveren (zie e-mailbericht met planning van 20 maart 2017).
8. Deze tekortkoming rechtvaardigt echter niet ook ontbinding van de opdracht met betrekking tot het communicatieconcept, maar enkel ontbinding van de (vervolg) opdracht ten aanzien van de foto’s. De opdracht tot het ontwikkelen van een communicatieconcept is immers naar tevredenheid uitgevoerd. De omstandigheid dat Agendum door het niet leveren van de foto’s niets kon doen met het communicatieconcept en uiteindelijk een andere huisstijl heeft (moeten) laten ontwikkelen, maakt dit niet anders en kan dus ook niet leiden tot een grotere terugbetalingsverplichting dan hetgeen is betaald voor de foto’s.
Conclusie is dan ook dat de (vervolg)opdracht ten aanzien van de foto’s rechtsgeldig op 19 mei 2017 is ontbonden, ten gevolge waarvan voor Dutchlabel een ongedaanmakingsverplichting is ontstaan ten aanzien van het reeds voor de foto’s betaalde bedrag van € 3.751,00. Dutchlabel zal daarom worden veroordeeld tot betaling van dit bedrag. De gevorderde handelsrente is niet toewijsbaar, het betreft hier immers geen contractuele betalingsverplichting. De wettelijke rente is echter vanaf de datum van ontbinding, te weten 19 mei 2017, toewijsbaar.
9. Dutchlabel zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de proceskosten. Nu Agendum geen gebruik heeft gemaakt van een professioneel gemachtigde, zal geen salaris gemachtigde worden toegewezen.
BESLISSING
De kantonrechter:
I. veroordeelt Dutchlabel tot betaling aan Agendum van € 3.751,00, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 19 mei 2017 tot aan de dag van volledige voldoening.
veroordeelt Dutchlabel in de kosten van het geding, tot op heden aan de zijde van Agendum begroot op:exploot € 80,42griffierecht € 470,00totaal € 950,42voor zover van toepassing, inclusief btw;
veroordeelt Dutchlabel tot betaling van een bedrag van € 50,00 aan nasalaris, alsmede tot betaling van een bedrag van € 68,00 aan kosten voor betekening onder de voorwaarde dat betekening van het vonnis heeft plaatsgevonden en Dutchlabel niet binnen 14 dagen na aanschrijving aan het vonnis heeft voldaan, een en ander voor zover van toepassing, inclusief btw;
verklaart de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad;
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. L. van Berkum, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 29 januari 2018 in tegenwoordigheid van de griffier.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.