Uitspraak · Bestuursrecht
Rechtbank Amsterdam, 17 juli 2013
ECLI:NL:RBAMS:2013:4386Zaaknummer AWB-13_693
- Instantie
- Rechtbank Amsterdam
- Datum uitspraak
- 17 juli 2013
- Publicatiedatum
- 24 september 2013
- Zaaknummer
- AWB-13_693
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Nieuwe aanvraag na eerdere afwijzing bijstand in verband met gezamenlijke huishouding. Onweerlegbaar rechtsvermoeden, niets aangevoerd.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.M.I. van der Does, rechter, in aanwezigheid van mr. M.L. Bosman, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 17 juli 2013.
de griffier
de rechter
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan hoger beroep worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep.
Afschrift verzonden op:
D: B
SB
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
Bestuursrecht
zaaknummer: AWB 13/693
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser],
wonende te [woonplaats],
eiser,
gemachtigde mr. G.W. Mettendaf,
en
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,
verweerder,
gemachtigde C. Telting.
Procesverloop
Bij besluit van 25 oktober 2012 heeft verweerder de aanvraag van eiser voor een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand (WWB) van diezelfde datum afgewezen (het primaire besluit).
Bij besluit van 2 januari 2013 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van eiser tegen het primaire besluit ongegrond verklaard.
Eiser heeft tegen dit besluit beroep ingesteld.
Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.
De rechtbank heeft de zaak ter zitting behandeld op 3 juni 2013.
Partijen zijn – met voorafgaand bericht – niet verschenen.
Overwegingen
Bij besluit van 1 oktober 2012 heeft verweerder de bijstandsuitkering van eiser met ingang van 7 augustus 2012 ingetrokken omdat hij een gezamenlijke huishouding voerde met mevrouw [naam samenwonende] aan het adres [adres1] in [woonplaats1]. Na ongegrondverklaring van zijn bezwaar heeft deze rechtbank bij uitspraak van 29 mei 2013 met zaaknummer AWB 12/6372 WWB het beroep van eiser in verband met deze intrekking ongegrond verklaard. In navolging van deze uitspraak gaat de rechtbank er daarom van uit dat eiser en mevrouw [naam samenwonende] van 7 augustus 2012 tot 1 oktober 2012 een gezamenlijke huishouding voerden aan het adres [adres1] in [woonplaats1]. Daarmee zijn zij voor de verlening van bijstand met gehuwden gelijkgesteld.
Artikel 3, vierde lid, aanhef en onder a, van de WWB bepaalt dat een gezamenlijke huishouding in ieder geval aanwezig wordt geacht indien de belanghebbenden hun hoofdverblijf hebben in dezelfde woning en zij in de periode van twee jaar voorafgaande aan de aanvraag van bijstand voor de verlening van bijstand als gehuwden zijn aangemerkt.
Gesteld noch gebleken is dat eiser of mevrouw [naam samenwonende] tussen 1 en 25 oktober 2012 is verhuisd. De rechtbank gaat er daarom van uit dat zij nog steeds een gezamenlijk hoofdverblijf hebben. Gelet op het ‘onweerlegbaar rechtsvermoeden’ dat in artikel 3, vierde lid, aanhef en onder a, van de WWB is neergelegd is daarmee sprake van een gezamenlijke huishouding. Eiser komt daarom niet als zelfstandig rechtssubject voor bijstandsverlening in aanmerking.
Wat eiser overigens heeft aangevoerd is al door de rechtbank in de uitspraak van 29 mei 2013 besproken. Van nieuwe feiten en omstandigheden die verweerder nu nog bij zijn beoordeling zou kunnen of moeten betrekken is geen sprake.
Het beroep van eiser is daarom ongegrond. Er is geen aanleiding voor vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.M.I. van der Does, rechter, in aanwezigheid van mr. M.L. Bosman, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 17 juli 2013.
de griffier
de rechter
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan hoger beroep worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep.
Afschrift verzonden op:
D: B
SB
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.