Conclusie · Strafrecht
Parket bij de Hoge Raad, 24 april 2026
ECLI:NL:PHR:2026:433Zaaknummer 23/04756
- Instantie
- Parket bij de Hoge Raad
- Datum conclusie
- 24 april 2026
- Publicatiedatum
- 11 juni 2026
- Zaaknummer
- 23/04756
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Soort
- Conclusie
Inhoudsindicatie
Aanvullende conclusie.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
Nummer 23/04756
Zitting 24 april 2026
AANVULLENDE CONCLUSIE
V.M.A. Sinnige
In de zaak
[verdachte],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1971,
hierna: de verdachte
- Tot mijn spijt moet ik constateren dat mijn op 31 maart 2026 genomen conclusie een misslag bevat. Die is niet van invloed op mijn uiteindelijk ingenomen standpunt, maar ik wil hem toch graag herstellen.
- In de randnummers 5.3-5.6 heb ik ambtshalve aandacht besteed aan verjaring. Ik kwam toen tot de conclusie dat ten aanzien van de onder 3, cumulatief/alternatief, ten laste gelegde feiten sprake zou zijn van verjaring.
- Dat verjaring op de daar genoemde gronden is ingetreden, is echter onjuist. Ik heb in die overwegingen ten onrechte niet betrokken dat overtreding van art. 328ter Sr met ingang van 1 januari 2015 wordt bedreigd met een maximale gevangenisstraf van vier jaren. Dat betekent dat het recht tot strafvervolging op grond van art. 70 lid 1 onder 3 Sr – buiten het geval van de stuiting ervan – verjaart na 12 jaren en dat de absolute verjaringstermijn dus 24 jaren bedraagt. Die 24 jaren zijn nog niet verstreken.
- De conclusie dient daarom te worden gelezen met weglating van de randnummers 5.3-5.6.
De procureur-generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
A-G
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:HR:2026:889 http://psi.rechtspraak.nl/nadereConclusie
Aangehaald in
- ECLI:NL:HR:2026:889 Hoge Raad, 9 juni 2026 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.