Conclusie · Strafrecht
Parket bij de Hoge Raad, 25 augustus 2020
ECLI:NL:PHR:2020:907Zaaknummer 19/00879
- Instantie
- Parket bij de Hoge Raad
- Datum conclusie
- 25 augustus 2020
- Publicatiedatum
- 6 oktober 2020
- Zaaknummer
- 19/00879
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Soort
- Conclusie
Inhoudsindicatie
Mishandeling, terwijl het feit zwaar lichamelijk letsel tot gevolg heeft, art. 300.2 Sr. HR bepaalt dat met toepassing van art. 6:4:20 Sv gijzeling van gelijke duur kan worden toegepast (vgl. ECLI:NL:HR:2020:914).
CONCLUSIE
T.N.B.M. Spronken
In de zaak
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1961,
hierna: de verdachte.
- De verdachte is bij arrest van 14 februari 2019 door het gerechtshof Den Haag vrijgesproken van het primair tenlastegelegde en voor subsidiair “mishandeling, terwijl het feit zwaar lichamelijk letsel ten gevolge heeft”, veroordeeld tot twaalf maanden gevangenisstraf, waarvan vier maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren. Voorts heeft het hof beslissingen genomen ten aanzien van de vordering van de benadeelde partij en heeft het hof een schadevergoedingsmaatregel opgelegd en daarbij de vervangende hechtenis bepaald op 173 dagen. Ten slotte is een beslissing genomen met betrekking tot een eerdere, voorwaardelijk opgelegde straf.
- Het cassatieberoep is ingesteld namens de verdachte en mrs. C.M.H. van Vliet en N.B. Genemans, beiden advocaat te 's-Gravenhage, hebben een middel van cassatie voorgesteld.
- Het middel klaagt over de vervangende hechtenis bij de opgelegde schadevergoedingsmaatregel.
- Het middel is, gelet op HR 26 mei 2020, ECLI:NL:HR:2020:914, terecht voorgesteld. De Hoge Raad kan bepalen dat in plaats van vervangende hechtenis gijzeling van gelijke duur zal worden toegepast.
- Ambtshalve heb ik geen gronden aangetroffen die tot vernietiging van de bestreden uitspraak aanleiding behoren te geven.
- Deze conclusie strekt tot vernietiging van de bestreden uitspraak, maar uitsluitend voor zover bij de schadevergoedingsmaatregel vervangende hechtenis is toegepast en dat de Hoge Raad bepaalt dat gijzeling van gelijke duur zal worden toegepast.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
Nummer 19/00879
Zitting 25 augustus 2020
CONCLUSIE
T.N.B.M. Spronken
In de zaak
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1961,
hierna: de verdachte.
- De verdachte is bij arrest van 14 februari 2019 door het gerechtshof Den Haag vrijgesproken van het primair tenlastegelegde en voor subsidiair “mishandeling, terwijl het feit zwaar lichamelijk letsel ten gevolge heeft”, veroordeeld tot twaalf maanden gevangenisstraf, waarvan vier maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren. Voorts heeft het hof beslissingen genomen ten aanzien van de vordering van de benadeelde partij en heeft het hof een schadevergoedingsmaatregel opgelegd en daarbij de vervangende hechtenis bepaald op 173 dagen. Ten slotte is een beslissing genomen met betrekking tot een eerdere, voorwaardelijk opgelegde straf.
- Het cassatieberoep is ingesteld namens de verdachte en mrs. C.M.H. van Vliet en N.B. Genemans, beiden advocaat te 's-Gravenhage, hebben een middel van cassatie voorgesteld.
- Het middel klaagt over de vervangende hechtenis bij de opgelegde schadevergoedingsmaatregel.
- Het middel is, gelet op HR 26 mei 2020, ECLI:NL:HR:2020:914, terecht voorgesteld. De Hoge Raad kan bepalen dat in plaats van vervangende hechtenis gijzeling van gelijke duur zal worden toegepast.
- Ambtshalve heb ik geen gronden aangetroffen die tot vernietiging van de bestreden uitspraak aanleiding behoren te geven.
- Deze conclusie strekt tot vernietiging van de bestreden uitspraak, maar uitsluitend voor zover bij de schadevergoedingsmaatregel vervangende hechtenis is toegepast en dat de Hoge Raad bepaalt dat gijzeling van gelijke duur zal worden toegepast.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:HR:2020:1566 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
Deze uitspraak verwijst naar
Aangehaald in
- ECLI:NL:HR:2020:1566 Hoge Raad, 6 oktober 2020 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.