Conclusie · Strafrecht
Parket bij de Hoge Raad, 28 maart 2017
ECLI:NL:PHR:2017:367Zaaknummer 15/05610
- Instantie
- Parket bij de Hoge Raad
- Datum conclusie
- 28 maart 2017
- Publicatiedatum
- 23 mei 2017
- Zaaknummer
- 15/05610
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Soort
- Conclusie
Inhoudsindicatie
Geen middelen ingediend, verdachte n-o. Samenhang met 15/05611 en 15/05612.
Conclusie inzake:
[verdachte] [_9f88bec4-06c6-40ed-9ad8-bbc2d7e65ce3]
1. Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, locatie Leeuwarden, heeft verdachte op 11 november 2015 voor 1: diefstal, terwijl tijdens het plegen van het misdrijf nog geen vijf jaren zijn verlopen sedert een vroegere veroordeling van de schuldige tot gevangenisstraf wegens een daaraan soortgelijk misdrijf in kracht van gewijsde is gegaan, 2: diefstal, en 3: in het besloten lokaal bij een andere in gebruik, wederrechtelijk binnendringen, veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 82 dagen.
2. Mr. B.P.M. Canoy, advocaat te Leeuwarden, heeft cassatie ingesteld.
3. De aanzegging als bedoeld in artikel 435 lid 1 Sv is op 13 mei 2016 aan verdachte in persoon uitgereikt. Tot op heden is geen schriftuur, houdende middelen van cassatie, door een advocaat ingezonden. Aldus is niet voldaan aan de eis van het tweede lid van artikel 437 Sv.
Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk.
4. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
Volledige tekst
Nr. 15/05610
Mr. Machielse
Zitting 28 maart 2017 (bij vervroeging)
Conclusie inzake:
[verdachte] [_9f88bec4-06c6-40ed-9ad8-bbc2d7e65ce3]
1. Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, locatie Leeuwarden, heeft verdachte op 11 november 2015 voor 1: diefstal, terwijl tijdens het plegen van het misdrijf nog geen vijf jaren zijn verlopen sedert een vroegere veroordeling van de schuldige tot gevangenisstraf wegens een daaraan soortgelijk misdrijf in kracht van gewijsde is gegaan, 2: diefstal, en 3: in het besloten lokaal bij een andere in gebruik, wederrechtelijk binnendringen, veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 82 dagen.
2. Mr. B.P.M. Canoy, advocaat te Leeuwarden, heeft cassatie ingesteld.
3. De aanzegging als bedoeld in artikel 435 lid 1 Sv is op 13 mei 2016 aan verdachte in persoon uitgereikt. Tot op heden is geen schriftuur, houdende middelen van cassatie, door een advocaat ingezonden. Aldus is niet voldaan aan de eis van het tweede lid van artikel 437 Sv.
Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk.
4. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:HR:2017:952 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
Aangehaald in
- ECLI:NL:HR:2017:952 Hoge Raad, 23 mei 2017 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.