Conclusie · Strafrecht

Parket bij de Hoge Raad, 9 februari 2016

ECLI:NL:PHR:2016:179Zaaknummer 15/02059

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum conclusie
9 februari 2016
Publicatiedatum
5 april 2016
Zaaknummer
15/02059
Rechtsgebied
Strafrecht
Soort
Conclusie

Inhoudsindicatie

Geen middelen ingediend, verdachte n-o.

Volledige tekst

Nr. 15/02059 Zitting: 9 februari 2016 (bij vervroeging)Mr. T.N.B.M. Spronken Conclusie inzake: [verdachte]
  • het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, heeft bij arrest van 17 maart 2015 verdachte niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep ter zake van het onder 3 tenlastegelegde, en verdachte ontslagen van alle rechtsvervolging ten aanzien van het onder 1, 2 en 4 bewezenverklaarde.
  • Er bestaat samenhang met de zaak 15/02060. In deze zaak zal ik vandaag ook concluderen.
  • Tegen deze uitspraak is namens verdachte beroep in cassatie ingesteld.
  • De aanzegging als bedoeld in art. 435 Sv is op 26 augustus 2015 betekend. De in het tweede lid van art. 437 Sv gestelde termijn van twee maanden liep af op 26 oktober 2015. Er is gedurende deze termijn geen schriftuur houdende middelen van cassatie binnengekomen.
  • Nu verdachte niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, kan hij ingevolge art. 437 lid 2 Sv niet in zijn cassatieberoep worden ontvangen.
  • Deze conclusie strekt ertoe dat de Hoge Raad verdachte niet-ontvankelijk zal verklaren in het ingestelde cassatieberoep.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden

AG

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.