Conclusie · Strafrecht
Parket bij de Hoge Raad, 10 maart 2015
ECLI:NL:PHR:2015:396Zaaknummer 14/02945
- Instantie
- Parket bij de Hoge Raad
- Datum conclusie
- 10 maart 2015
- Publicatiedatum
- 8 april 2015
- Zaaknummer
- 14/02945
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Soort
- Conclusie
Inhoudsindicatie
HR: art.80a RO
Volledige tekst
| Nr. 14/02945 Zitting: 10 maart 2015 | P.C. Vegter Standpunt/conclusie inzake: [verdachte] |
Na bestudering van de zaak ben ik van mening dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.
| De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden AG |
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:HR:2015:909 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
Aangehaald in
- ECLI:NL:HR:2015:909 Hoge Raad, 7 april 2015 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.