Conclusie · Strafrecht

Parket bij de Hoge Raad, 17 februari 2015

ECLI:NL:PHR:2015:350Zaaknummer 13/02812

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum conclusie
17 februari 2015
Publicatiedatum
1 april 2015
Zaaknummer
13/02812
Rechtsgebied
Strafrecht
Soort
Conclusie

Inhoudsindicatie

Art. 437.2 Sv. Verdachte wordt n-o verklaard, nu verdachte niet binnen de bij de wet gestelde termijn door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen.

Volledige tekst

Nr. 13/02812 Zitting: 17 februari 2015Mr. Aben Conclusie inzake: [verdachte]

1. Het gerechtshof te Arnhem-Leeuwarden, locatie Arnhem, heeft bij arrest van 5 juni 2013 de verdachte ter zake van “medeplegen van witwassen” veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van 120 uren, subsidiair 60 dagen hechtenis, met aftrek van voorarrest. Voorts heeft het hof het in beslag genomen voorwerp, te weten een geldbedrag van € 10.000,- verbeurd verklaard.

2. Deze zaak hangt samen met zaaknummer 13/02808. In beide zaken zal ik vandaag concluderen.

3. Namens de verdachte is beroep in cassatie ingesteld.

4. De aanzegging als bedoeld in art. 435 Sv is op 3 september 2013 aan de verdachte in persoon betekend. De in het tweede lid van art. 437 Sv gestelde termijn van twee maanden liep af op 4 november 2013. Er is gedurende deze termijn geen schriftuur houdende middelen van cassatie binnengekomen.

5. Nu de verdachte niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, kan hij ingevolge art. 437, tweede lid, Sv niet in zijn cassatieberoep worden ontvangen.

6. Deze conclusie strekt ertoe dat de Hoge Raad de verdachte niet-ontvankelijk zal verklaren in het ingestelde cassatieberoep.

De procureur-generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden,

AG

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.