Conclusie · Strafrecht

Parket bij de Hoge Raad, 1 september 2015

ECLI:NL:PHR:2015:1885Zaaknummer 13/01879

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum conclusie
1 september 2015
Publicatiedatum
27 oktober 2015
Zaaknummer
13/01879
Rechtsgebied
Strafrecht
Soort
Conclusie

Inhoudsindicatie

Profijtontneming. Betrokkene n-o in cassatieberoep, nu niet tijdig door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie is ingediend.

Volledige tekst

Nr. 13/01879P Zitting: 1 september 2015Mr. Bleichrodt Conclusie inzake: [betrokkene]

1. Het Gerechtshof te Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, heeft bij arrest van 5 april 2013 betrokkene ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel de verplichting opgelegd tot betaling aan de Staat van een bedrag van EUR 23.150,-.

2. Tegen deze uitspraak is namens verdachte cassatieberoep ingesteld. Deze zaak hangt samen met de strafzaak tegen de verdachte (zaaknummer 13/01878) en de zaak tegen de medeverdachte [medeverdachte] (zaaknummer 13/01923), waarin ik vandaag eveneens concludeer.[_49552d26-911a-40e6-884c-6bffc3b564ac]

3. Op 11 maart 2014 is aan verdachte de aanzegging van art. 435 Sv betekend. De door het tweede lid van art. 437 Sv gestelde termijn van twee maanden liep af op 12 mei 2014. Een schriftuur houdende middelen van cassatie is niet binnengekomen.

4. Nu verdachte niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, kan zij ingevolge art. 437 lid 2 Sv niet in haar cassatieberoep worden ontvangen.

5. Deze conclusie strekt ertoe dat de Hoge Raad verdachte niet-ontvankelijk zal verklaren in het ingestelde cassatieberoep.

De procureur-generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden

AG

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.