Conclusie · Strafrecht

Parket bij de Hoge Raad, 1 april 2014

ECLI:NL:PHR:2014:647Zaaknummer 13/01803

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum conclusie
1 april 2014
Publicatiedatum
2 juli 2014
Zaaknummer
13/01803
Rechtsgebied
Strafrecht
Soort
Conclusie

Inhoudsindicatie

Klaagster n-o in cassatieberoep, nu niet tijdig door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie is ingediend.

Volledige tekst

Nr. 13/01803 B Zitting: 1 april 2014Mr. Knigge Conclusie inzake: [klaagster]

1. Klaagster heeft beroep in cassatie ingesteld tegen de beschikking van de Rechtbank Dordrecht van 22 oktober 2012 met kenmerk RK 10/131.[_9e8d3610-f248-4e84-9184-18fa51c20d47]

2. De aanzegging als bedoeld in art. 447, lid 3, Sv is op 24 april 2013 betekend. De mededeling betekening is op 22 mei 2013 verzonden aan de advocaat van klaagster. De in het vijfde lid van art. 447 Sv gestelde termijn van een maand liep af op 24 juni 2013. Er is gedurende deze termijn geen schriftuur houdende middelen van cassatie binnengekomen.

3. Nu klaagster niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, kan zij ingevolge art. 447, lid 5 Sv niet in haar cassatieberoep worden ontvangen.

4. De conclusie strekt ertoe dat de Hoge Raad klaagster niet-ontvankelijk zal verklaren in het ingestelde cassatieberoep.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden,

AG

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.