Conclusie · Strafrecht

Parket bij de Hoge Raad, 26 augustus 2014

ECLI:NL:PHR:2014:1751Zaaknummer 13/05783

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum conclusie
26 augustus 2014
Publicatiedatum
23 september 2014
Zaaknummer
13/05783
Rechtsgebied
Strafrecht
Soort
Conclusie

Inhoudsindicatie

Art. 437.2 Sv. HR verklaart vd n-o in het cassatieberoep, nu vd niet binnen de bij de wet gestelde termijn door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen.

Volledige tekst

Nr. 13/05783 Zitting: 26 augustus 2014Mr. Hofstee Conclusie inzake: [verdachte]

1. Namens verzoeker is beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, locatie Arnhem, d.d. 21 oktober 2013.

2. Er bestaat samenhang tussen de zaken met de nummers 13/05783 en 13/05941P. In beide zaken zal ik vandaag concluderen.

3. Verzoeker heeft tijdig beroep in cassatie doen instellen. Namens hem zijn geen middelen van cassatie voorgesteld.

4. Ingevolge art. 437, tweede lid, Sv, dient op straffe van niet-ontvankelijkheid binnen twee maanden na de betekening van de aanzegging als bedoeld in art. 435, eerste lid, Sv door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie te zijn ingediend. Nu bij de Hoge Raad niet tijdig een schriftuur is ingediend dient verzoeker niet-ontvankelijk in zijn cassatieberoep te worden verklaard.

5. Deze conclusie strekt tot het niet-ontvankelijk verklaren van verzoeker in zijn cassatieberoep.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden

AG

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.