Conclusie · Strafrecht
Parket bij de Hoge Raad, 20 december 2011
ECLI:NL:PHR:2011:BT8768Zaaknummer 10/01098
- Instantie
- Parket bij de Hoge Raad
- Datum conclusie
- 20 december 2011
- Publicatiedatum
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 10/01098
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Soort
- Conclusie
Inhoudsindicatie
Geen schriftuur houdende middelen ingediend. N.o. cassatieberoep.
Conclusie inzake:
[Verdachte]
1. Verdachte is bij arrest van 26 februari 2010 door het gerechtshof te Amsterdam, zitting houdende te Arnhem, wegens "medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3, onder B, van de Opiumwet gegeven verbod", veroordeeld tot een werkstraf van 120 uren, subsidiair 60 dagen hechtenis. Daarnaast heeft het hof beslissingen genomen over inbeslaggenomen voorwerpen.
2. In deze zaak is geen schriftuur ingediend.
3. Nu verdachte niet binnen de bij wet gestelde termijn bij de Hoge Raad een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen door een raadsman, kan verdachte niet worden ontvangen in zijn beroep in cassatie.
4. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van verdachte in zijn cassatieberoep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG
1 Deze zaak hangt samen met de zaak met griffienummer S 10/01101 en de zaak met griffienummer S 10/01099, waarin heden eveneens wordt geconcludeerd.
Volledige tekst
Nr. 10/01098(1)
Mr. Silvis
Zitting 11 oktober 2011
Conclusie inzake:
[Verdachte]
1. Verdachte is bij arrest van 26 februari 2010 door het gerechtshof te Amsterdam, zitting houdende te Arnhem, wegens "medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3, onder B, van de Opiumwet gegeven verbod", veroordeeld tot een werkstraf van 120 uren, subsidiair 60 dagen hechtenis. Daarnaast heeft het hof beslissingen genomen over inbeslaggenomen voorwerpen.
2. In deze zaak is geen schriftuur ingediend.
3. Nu verdachte niet binnen de bij wet gestelde termijn bij de Hoge Raad een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen door een raadsman, kan verdachte niet worden ontvangen in zijn beroep in cassatie.
4. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van verdachte in zijn cassatieberoep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG
1 Deze zaak hangt samen met de zaak met griffienummer S 10/01101 en de zaak met griffienummer S 10/01099, waarin heden eveneens wordt geconcludeerd.
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:HR:2011:BT8768 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
Aangehaald in
- ECLI:NL:HR:2011:BT8768 Hoge Raad, 20 december 2011 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.