Conclusie · Strafrecht
Parket bij de Hoge Raad, 26 april 2011
ECLI:NL:PHR:2011:BP8800Zaaknummer 10/00167
- Instantie
- Parket bij de Hoge Raad
- Datum conclusie
- 26 april 2011
- Publicatiedatum
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 10/00167
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Soort
- Conclusie
Inhoudsindicatie
Tegen de beslissing van de Rechtbank inzake de toepassing van art. 38s Sr is beroep in cassatie gelet op art. 509gg.2 Sv niet mogelijk. HR verklaart de veroordeelde niet-ontvankelijk in het beroep.
Conclusie inzake:
[Veroordeelde = verzoeker]
1. Het gerechtshof te Arnhem, penitentiaire kamer, heeft bij arrest van 15 december 2009 verzoeker niet-ontvankelijk verklaard in het door hem ingestelde beroep (wegens gebrek aan belang).
2. Namens verzoeker heeft mr. M. Oparyk, advocaat te Leerdam, cassatieberoep ingesteld en bij schriftuur twee middelen van cassatie voorgesteld.
3. De beslissing van het gerechtshof(1) betreft een beslissing op het door verzoeker tegen de beslissing van de rechtbank Dordrecht van 6 augustus 2009 ingestelde hoger beroep; de rechtbank had last gegeven tot voortzetting van de tenuitvoerlegging van de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders.
4. Ingevolge art. 509gg, tweede lid, Sv is voornoemde beslissing van het gerechtshof te Arnhem niet aan enig gewoon rechtsmiddel onderworpen. Het cassatieberoep is daarom niet ontvankelijk.
5. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
A-G
1 Op grond van art. 509ff, eerste lid, Sv behandelt de penitentiaire kamer van het gerechtshof te Arnhem het hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van een rechtbank inzake de toepassing van de artikelen 38r en 38s Sr.
Volledige tekst
Nr. 10/00167
Mr Jörg
Zitting 8 maart 2011
Conclusie inzake:
[Veroordeelde = verzoeker]
1. Het gerechtshof te Arnhem, penitentiaire kamer, heeft bij arrest van 15 december 2009 verzoeker niet-ontvankelijk verklaard in het door hem ingestelde beroep (wegens gebrek aan belang).
2. Namens verzoeker heeft mr. M. Oparyk, advocaat te Leerdam, cassatieberoep ingesteld en bij schriftuur twee middelen van cassatie voorgesteld.
3. De beslissing van het gerechtshof(1) betreft een beslissing op het door verzoeker tegen de beslissing van de rechtbank Dordrecht van 6 augustus 2009 ingestelde hoger beroep; de rechtbank had last gegeven tot voortzetting van de tenuitvoerlegging van de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders.
4. Ingevolge art. 509gg, tweede lid, Sv is voornoemde beslissing van het gerechtshof te Arnhem niet aan enig gewoon rechtsmiddel onderworpen. Het cassatieberoep is daarom niet ontvankelijk.
5. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
A-G
1 Op grond van art. 509ff, eerste lid, Sv behandelt de penitentiaire kamer van het gerechtshof te Arnhem het hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van een rechtbank inzake de toepassing van de artikelen 38r en 38s Sr.
Wetsartikelen in deze uitspraak
- Artikel 509gg Sv
- Artikel 509ff Sv
- Artikel 38r Sr
- Artikel 38s Sr
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:HR:2011:BP8800 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
Aangehaald in
- ECLI:NL:HR:2011:BP8800 Hoge Raad, 26 april 2011 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.