Conclusie · Strafrecht

Parket bij de Hoge Raad, 12 april 2011

ECLI:NL:PHR:2011:BP6052Zaaknummer 09/04383

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum conclusie
12 april 2011
Publicatiedatum
30 augustus 2022
Zaaknummer
09/04383
Rechtsgebied
Strafrecht
Soort
Conclusie

Inhoudsindicatie

1. Geen schriftuur verdachte. 2. Schriftuur benadeelde partij. Is HR bevoegd tot beoordeling van schriftuur van b.p., indien namens verdachte geen schriftuur is ingediend? Ad 1. Geen middelen ingediend, verdachte n-o. Ad 2. Art. 421.4 Sv voorziet in instellen van hoger beroep door b.p. tegen afwijzing van haar vordering door rechter in eerste aanleg indien noch verdachte noch OM h.b. heeft ingesteld. Wet bevat geen regeling t.a.v. instellen van beroep in cassatie door b.p. indien haar vordering door rechter in h.b. in strafgeding n-o is verklaard dan wel is afgewezen en noch verdachte noch OM cassatieberoep heeft ingesteld. Evenmin bevat wet zo’n regeling voor het geval de verdachte onderscheidenlijk OM in ingesteld cassatieberoep niet kan worden ontvangen. Daaruit moet worden afgeleid dat wetgever van dergelijke voorziening niet heeft willen weten. Dat brengt mee dat HR in genoemde gevallen niet bevoegd is tot beoordeling van een ex art. 437.3 Sv ingediende schriftuur van b.p. (vgl. HR:2003:AF4207). Hieruit volgt dat namens b.p. ingediende schriftuur onbesproken moet blijven.

Conclusie inzake:

[verdachte]

1. De verdachte heeft beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof te Amsterdam d.d. 22 oktober 2009.

2. Namens verdachte is geen schriftuur houdende middelen van cassatie ingediend.

3. Namens de benadeelde partij H. Prithipal, heeft mr. G.L.D. Thomas, advocaat te Amsterdam, één middel van cassatie voorgesteld.

4. Nu verdachte niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, is niet in acht genomen het voorschrift van art. 437, tweede lid, Sv, zodat verdachte in het beroep niet kan worden ontvangen.

5. Nu de verdachte niet in zijn beroep in cassatie kan worden ontvangen, is de Hoge Raad niet bevoegd tot de beoordeling van de op de voet van art. 437, derde lid, Sv ingediende schriftuur van de benadeelde partij.(1)

De door de benadeelde partij ingediende schriftuur dient derhalve onbesproken te blijven.

6. Deze conclusie strekt ertoe dat verdachte niet-ontvankelijk zal worden verklaard in zijn cassatieberoep.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden

AG

1 Zie HR 4 januari 2011, LJN BO4496 (niet gepubliceerd), HR 7 juli 2009, LJN BH9031 en HR 25 maart 2003, LJN AF4207, NJ 2003, 329.

Volledige tekst

Nr. 09/04383

Mr. Vellinga

Zitting: 15 februari 2011

Conclusie inzake:

[verdachte]

1. De verdachte heeft beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof te Amsterdam d.d. 22 oktober 2009.

2. Namens verdachte is geen schriftuur houdende middelen van cassatie ingediend.

3. Namens de benadeelde partij H. Prithipal, heeft mr. G.L.D. Thomas, advocaat te Amsterdam, één middel van cassatie voorgesteld.

4. Nu verdachte niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, is niet in acht genomen het voorschrift van art. 437, tweede lid, Sv, zodat verdachte in het beroep niet kan worden ontvangen.

5. Nu de verdachte niet in zijn beroep in cassatie kan worden ontvangen, is de Hoge Raad niet bevoegd tot de beoordeling van de op de voet van art. 437, derde lid, Sv ingediende schriftuur van de benadeelde partij.(1)

De door de benadeelde partij ingediende schriftuur dient derhalve onbesproken te blijven.

6. Deze conclusie strekt ertoe dat verdachte niet-ontvankelijk zal worden verklaard in zijn cassatieberoep.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden

AG

1 Zie HR 4 januari 2011, LJN BO4496 (niet gepubliceerd), HR 7 juli 2009, LJN BH9031 en HR 25 maart 2003, LJN AF4207, NJ 2003, 329.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.