Conclusie · Strafrecht

Parket bij de Hoge Raad, 12 oktober 2010

ECLI:NL:PHR:2010:BN4241Zaaknummer 08/05002

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum conclusie
12 oktober 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
08/05002
Rechtsgebied
Strafrecht
Soort
Conclusie

Inhoudsindicatie

Verbeurdverklaring. Het Hof heeft niet vastgesteld of de verbeurdverklaarde auto toebehoorde aan verdachte zelf of aan een ander, in welk laatste geval de voorwaarden, genoemd in art. 33a.2 Sr, een nadere motivering van de oplegging van de straf vergen.

Conclusie inzake:

[Verdachte]

1. Verdachte is door het Gerechtshof te 's-Gravenhage veroordeeld bij arrest van 31 oktober 2008.

2. Namens verdachte heeft mr. J.S. Nan, advocaat te Dordrecht, één middel van cassatie voorgesteld.

3. Het middel klaagt dat het Hof er aan is voorbijgegaan dat de op de voet van art. 33a lid 1, aanhef en onder c, Sr verbeurdverklaarde auto niet aan de verdachte toebehoorde.

4. De verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep verklaard dat de inbeslaggenomen auto niet aan hem maar aan zijn vrouw toebehoorde. Tegen deze achtergrond en gelet op het bepaalde in art. 33a lid 2 Sr heeft het Hof de verbeurdverklaring onvoldoende met redenen omkleed.

5. Het middel slaagt.

6. Ambtshalve heb ik geen gronden aangetroffen waarop het bestreden arrest zou dienen te worden vernietigd.

7. Deze conclusie strekt tot vernietiging van het bestreden arrest voor wat betreft de straf van verbeurdverklaring, tot terugwijzing naar het Hof dan wel verwijzing naar een aangrenzend Hof teneinde in zoverre op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan, en tot verwerping van het beroep voor het overige.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden

AG

Volledige tekst

Nr. 08/05002

Mr. Vellinga

Zitting: 6 juli 2010

Conclusie inzake:

[Verdachte]

1. Verdachte is door het Gerechtshof te 's-Gravenhage veroordeeld bij arrest van 31 oktober 2008.

2. Namens verdachte heeft mr. J.S. Nan, advocaat te Dordrecht, één middel van cassatie voorgesteld.

3. Het middel klaagt dat het Hof er aan is voorbijgegaan dat de op de voet van art. 33a lid 1, aanhef en onder c, Sr verbeurdverklaarde auto niet aan de verdachte toebehoorde.

4. De verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep verklaard dat de inbeslaggenomen auto niet aan hem maar aan zijn vrouw toebehoorde. Tegen deze achtergrond en gelet op het bepaalde in art. 33a lid 2 Sr heeft het Hof de verbeurdverklaring onvoldoende met redenen omkleed.

5. Het middel slaagt.

6. Ambtshalve heb ik geen gronden aangetroffen waarop het bestreden arrest zou dienen te worden vernietigd.

7. Deze conclusie strekt tot vernietiging van het bestreden arrest voor wat betreft de straf van verbeurdverklaring, tot terugwijzing naar het Hof dan wel verwijzing naar een aangrenzend Hof teneinde in zoverre op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan, en tot verwerping van het beroep voor het overige.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden

AG

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.