Conclusie · Strafrecht
Parket bij de Hoge Raad, 10 januari 2006
ECLI:NL:PHR:2006:AU7082Zaaknummer 00146/05
- Instantie
- Parket bij de Hoge Raad
- Datum conclusie
- 10 januari 2006
- Publicatiedatum
- 4 april 2013
- Zaaknummer
- 00146/05
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Soort
- Conclusie
Inhoudsindicatie
Nu het middel is ingetrokken kan verdachte niet in het beroep worden ontvangen (HR NJ 2002, 110).
Conclusie inzake:
[verzoeker = verdachte]
1. In deze zaak is op de bij de wet voorgeschreven wijze beroep in cassatie ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof te Leeuwarden waarbij verzoeker wegens een strafbaar feit tot straf is veroordeeld.
2. Namens verzoeker heeft mr. D.V.A. Brouwer, advocaat te Den Haag, een schriftuur houdende cassatieklachten ingediend. Naar aanleiding daarvan is een aanvankelijk ontbrekend processtuk - te weten een verkort proces-verbaal van de (laatste) terechtzitting in hoger beroep - alsnog bijgevoegd, waarna mr. Brouwer heeft laten weten dat het enige middel wordt ingetrokken.
3. Het komt mij voor dat verzoeker in dit beroep niet-ontvankelijk dient te worden verklaard, aangezien nog vóór het nemen van deze conclusie kan worden vastgesteld dat geen cassatiemiddel wordt voorgedragen.
4. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijk verklaring van verzoeker in dit beroep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden,
Volledige tekst
Griffienr. 00146/05
Mr. Wortel
Zitting:22 november 2005
Conclusie inzake:
[verzoeker = verdachte]
1. In deze zaak is op de bij de wet voorgeschreven wijze beroep in cassatie ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof te Leeuwarden waarbij verzoeker wegens een strafbaar feit tot straf is veroordeeld.
2. Namens verzoeker heeft mr. D.V.A. Brouwer, advocaat te Den Haag, een schriftuur houdende cassatieklachten ingediend. Naar aanleiding daarvan is een aanvankelijk ontbrekend processtuk - te weten een verkort proces-verbaal van de (laatste) terechtzitting in hoger beroep - alsnog bijgevoegd, waarna mr. Brouwer heeft laten weten dat het enige middel wordt ingetrokken.
3. Het komt mij voor dat verzoeker in dit beroep niet-ontvankelijk dient te worden verklaard, aangezien nog vóór het nemen van deze conclusie kan worden vastgesteld dat geen cassatiemiddel wordt voorgedragen.
4. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijk verklaring van verzoeker in dit beroep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden,
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:HR:2006:AU7082 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
Aangehaald in
- ECLI:NL:HR:2006:AU7082 Hoge Raad, 10 januari 2006 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.