Uitspraak · Civiel recht

Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 12 juni 2026

ECLI:NL:OGEABES:2026:142Zaaknummer BON202600032

Instantie
Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Datum uitspraak
12 juni 2026
Publicatiedatum
20 juli 2026
Zaaknummer
BON202600032
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Bevel tot betaling, tegenspraak, rolverwijzing

3 De beslissing

Het gerecht:

3.1.

verwijst de zaak naar de (rol)zitting van 24 juni 2026 om 09.00 uur voor dagbepaling van de zitting waarop de zaak inhoudelijk zal worden behandeld,

3.2.

houdt iedere verdere beslissing aan.

Aldus gegeven door mr. H.L. Wattel, rechter, en op 12 juni 2026 in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het procesverloop
  2. 2 De beoordeling
  3. 3 De beslissing

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA zittingsplaats Bonaire

Zaaknummer: BON202600032

Datum beslissing: 12 juni 2026

BESCHIKKING

in de zaak van

[eiser],

wonende te Duitsland,

eisende partij,

gemachtigde: mr. E.J. Winkel,

tegen

[gedaagde],

wonende te Bonaire,

gedaagde partij,

procederend in persoon.

1 Het procesverloop

1.1.

Het procesverloop blijkt uit:

  • het verzoekschrift tot uitvaardiging van een rechterlijk bevel tot betaling met producties ontvangen op 21 januari 2026,
  • het verweerschrift, ontvangen op 6 maart 2026.
1.2.

Het Gerecht heeft hierna beschikking bepaald.

2 De beoordeling

2.1.

De eisende partij vraagt het Gerecht een rechterlijke bevel tot betaling uit te vaardigen tegen de gedaagde partij, tot het bedrag en met de rente zoals vermeld in het verzoekschrift.

2.2.

Uit het verweerschrift blijkt dat de gedaagde partij tegenspraak wil voeren. Nu de voorgeschreven formaliteiten in acht zijn genomen en het verzoek niet op voorhand onrechtmatig of ongegrond voorkomt, verwijst het Gerecht de zaak naar een gewone (rol)zitting van het Gerecht voor dagbepaling van de zitting waarop de zaak inhoudelijk zal worden behandeld.

3 De beslissing

Het gerecht:

3.1.

verwijst de zaak naar de (rol)zitting van 24 juni 2026 om 09.00 uur voor dagbepaling van de zitting waarop de zaak inhoudelijk zal worden behandeld,

3.2.

houdt iedere verdere beslissing aan.

Aldus gegeven door mr. H.L. Wattel, rechter, en op 12 juni 2026 in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.