Uitspraak · Personen- en familierecht
Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 30 december 2025
ECLI:NL:OGEABES:2025:184Zaaknummer BON202500331
- Instantie
- Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Datum uitspraak
- 30 december 2025
- Publicatiedatum
- 13 augustus 2026
- Zaaknummer
- BON202500331
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Tussenbeschikking. Nieuwe voorlopige omgangsregeling afgesproken. Advies aan Voogdijraad gevraagd voor definitieve omgangsregeling
3 De beslissing
stelt voorlopig tussen de minderjarige kinderen en de man de volgende omgangsregeling vast:
- de man zal de kinderen iedere week op dinsdag om 12.45 uur ophalen uit school en de kinderen vervolgens iedere donderdag vóór 07.30 uur weer naar school brengen;
- om de week brengt de vrouw de kinderen op zaterdag om 08.30 uur naar de man en de man zal de kinderen de maandag daarna vóór 07.30 uur naar school brengen.
bepaalt de door de man (voorlopige) bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarigen kinderen van partijen, met ingang van 1 januari 2026 op USD 150,00 per maand, bij vooruitbetaling te voldoen op de eerste van elke maand;
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
verwijst de zaak naar de (EJ-)rol van 22 april 2026 om 09.30 uur voor een rapport van de Voogdijraad over de omgangsregeling;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.M.J. Keltjens, rechter, en in het openbaar uitgesproken op 30 december 2025 in tegenwoordigheid van de griffier.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA zittingsplaats Bonaire
Registratienummer: BON202500331
Datum uitspraak: 30 december 2025
BESCHIKKING
op het verzoek van:
[de vrouw],
wonende te Bonaire,
verzoekster,
hierna: de vrouw,
gemachtigde: mr. M.M.A. van Lieshout,
tegen
[de man],
wonende te Bonaire,
verweerder in conventie,
verzoeker in de zelfstandige tegenverzoeken,
hierna: de man,
gemachtigde: mr. E.J. Winkel.
In zijn hoedanigheid als omschreven in artikel 810 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering BES is gekend: de Voogdijraad Caribisch Nederland (hierna: de Voogdijraad).
1 Het procesverloop
Het eerdere verloop van de procedure blijkt uit de beschikking van dit gerecht van 22 oktober 2025, waarin onder meer de echtscheiding is uitgesproken, een voorlopige omgangsregeling is vastgesteld en de Voogdijraad is verzocht onderzoek te doen naar de hoogte van de kinderalimentatie.
De voortzetting van de mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 10 december 2025. De vrouw is verschenen, bijgestaan door mr. Van Lieshout. De man is verschenen, bijgestaan door mr. Winkel. Namens de Voogdijraad was [medewerker Voogdijraad] aanwezig.
Ten slotte is de beschikking bepaald op heden.
2 De verdere beoordeling
In de beschikking van 22 oktober 2025 is een voorlopige omgangsregeling vastgesteld die er in de kern op neerkomt dat de kinderen twee dagen bij de man verblijven, vervolgens twee dagen bij de vrouw en de daarop volgende twee dagen weer bij de man (en zo verder). Tijdens de mondelinge behandeling van 10 december 2025 is die voorlopige omgangsregeling geëvalueerd. Partijen zijn het erover eens dat de vele wisselmomenten niet in het belang van de minderjarige kinderen van partijen zijn. Volgens de vrouw hebben de minderjarige kinderen belang bij rust en stabiliteit en is een omgangsregeling waarbij de kinderen 70% van de tijd bij haar verblijven in hun belang. De man is het daar niet mee eens en vindt een gelijke omgangsverdeling het meest passend.
Omdat partijen van mening verschillen over de vraag welke omgangsregeling in het belang van de minderjarige kinderen van partijen is, zal het gerecht de Voogdijraad verzoeken een onderzoek in te stellen naar de vraag op welke wijze invulling dient te worden gegeven aan het omgangsrecht van zowel de moeder en de vader. De vader heeft op de mondelinge behandeling verklaard voor een dilemma te staan om op Bonaire te blijven of terug te verhuizen naar Nederland. De Voogdijraad wordt daarom verzocht om onderzoek te doen naar een omgangsregeling voor de situatie dat de man op Bonaire blijft wonen en voor de situatie dat de man naar Nederland verhuist. Als de man zijn keuze heeft gemaakt voordat de Voogdijraad het onderzoek heeft afgerond, wordt hij verzocht zijn keuze aan de Voogdijraad door te geven. Het gerecht zal de zaak verwijzen naar de rolzitting van 22 april 2026 voor overlegging van het rapport door de Voogdijraad. In afwachting van het rapport wordt de beslissing over een definitieve omgangsregeling aangehouden.
Tijdens de mondelinge behandeling hebben partijen een nieuwe voorlopige omgangsregeling afgesproken. Het gerecht zal de tussen partijen afgesproken voorlopige omgangsregeling vaststellen, waarbij geldt dat partijen in onderling overleg andere afspraken kunnen maken. Partijen hebben de volgende voorlopige omgangsregeling afgesproken:
- de man zal de kinderen iedere week op dinsdag om 12.45 uur ophalen uit school en de kinderen vervolgens iedere donderdag vóór 07.30 uur weer naar school brengen;
- om de week brengt de vrouw de kinderen op zaterdag om 08.30 uur naar de man en de man zal de kinderen de maandag daarna vóór 07.30 uur naar school brengen.
Partijen hebben ook afspraken gemaakt ten aanzien van een voorlopige bijdrage van de man in de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarige kinderen. De man zal USD 50,00 per kind per maand betalen, wat in dit geval neerkomt op een totaalbedrag van USD 150,00 per maand. Omdat de hoogte van de bijdrage van de man in de kosten van verzorging en opvoeding van de kinderen mede afhangt van de definitieve omgangsregeling, wordt de beslissing hieromtrent aangehouden.
3 De beslissing
stelt voorlopig tussen de minderjarige kinderen en de man de volgende omgangsregeling vast:
- de man zal de kinderen iedere week op dinsdag om 12.45 uur ophalen uit school en de kinderen vervolgens iedere donderdag vóór 07.30 uur weer naar school brengen;
- om de week brengt de vrouw de kinderen op zaterdag om 08.30 uur naar de man en de man zal de kinderen de maandag daarna vóór 07.30 uur naar school brengen.
bepaalt de door de man (voorlopige) bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarigen kinderen van partijen, met ingang van 1 januari 2026 op USD 150,00 per maand, bij vooruitbetaling te voldoen op de eerste van elke maand;
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
verwijst de zaak naar de (EJ-)rol van 22 april 2026 om 09.30 uur voor een rapport van de Voogdijraad over de omgangsregeling;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.M.J. Keltjens, rechter, en in het openbaar uitgesproken op 30 december 2025 in tegenwoordigheid van de griffier.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.