Uitspraak · Civiel recht

Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 2 oktober 2024

ECLI:NL:OGEABES:2024:102Zaaknummer BON202400324

Instantie
Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Datum uitspraak
2 oktober 2024
Publicatiedatum
12 november 2024
Zaaknummer
BON202400324
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Gedaagde wordt veroordeeld tot betalen van de kosten na niet nakomen van een huurovereenkomst.

3 De beslissing

3.1.

veroordeelt gedaagde om aan eiseres te voldoen USD 8.000,00, vermeerderd met de wettelijke rente hierover vanaf 19 december 2023 tot de dag van algehele voldoening;

3.2.

veroordeelt gedaagde in de proceskosten, aan de zijde van eiseres begroot op USD 1.114,58;

3.3.

veroordeelt gedaagde tot betaling van de nakosten van USD 140,00, zonder betekening en verhoogd met USD 84,00 in geval van betekening nadat gedaagde niet binnen 14 dagen na een daarop gerichte aanmaning vrijwillig aan het vonnis zou hebben voldaan;

3.4.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

3.5.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.R. Veerman, rechter, en op 2 oktober 2024 uitgesproken ter openbare terechtzitting in aanwezigheid van de griffier.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het procesverloop
  2. 2 De beoordeling
  3. 3 De beslissing

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA zittingsplaats Bonaire

Registratienummer: BON202400324

Datum uitspraak: 2 oktober 2024

Vonnis

inzake:

[eiseres],

wonende te Bonaire,

eiseres,

tegen

[gedaagde],

wonende te Bonaire,

gedaagde verschenen in persoon.

1 Het procesverloop

1.1.

Eiseres heeft bij inleidend verzoekschrift op 15 juli 2024 ter griffie ingediend, gesteld en gevorderd als is vermeld in dat verzoekschrift. Gedaagde heeft de vordering op de rolzitting van 28 augustus 2024 erkend.

1.2.

Vonnis is bepaald op heden.

2 De beoordeling

2.1.

De vordering is, nu deze is erkend toewijsbaar behoudens ten aanzien van de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten door eiseres begroot op USD 838,50. Dit deel van de vordering zal worden afgewezen nu gebleken is van slechts één aanmaning, waarvoor een vergoeding als deze niet op zijn plaats is nu de proceskostenveroordeling reeds een vergoeding daarvan pleegt in te sluiten.

2.2.

Gedaagde zal, als de in het ongelijk gestelde partij, in de proceskosten worden veroordeeld. Deze kosten worden aan de zijde van eiseres tot op heden begroot op USD 136,58 deurwaarderskosten, USD 419,00 griffierechten en USD 559,00 in verband met het salaris van de gemachtigde.

3 De beslissing

3.1.

veroordeelt gedaagde om aan eiseres te voldoen USD 8.000,00, vermeerderd met de wettelijke rente hierover vanaf 19 december 2023 tot de dag van algehele voldoening;

3.2.

veroordeelt gedaagde in de proceskosten, aan de zijde van eiseres begroot op USD 1.114,58;

3.3.

veroordeelt gedaagde tot betaling van de nakosten van USD 140,00, zonder betekening en verhoogd met USD 84,00 in geval van betekening nadat gedaagde niet binnen 14 dagen na een daarop gerichte aanmaning vrijwillig aan het vonnis zou hebben voldaan;

3.4.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

3.5.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.R. Veerman, rechter, en op 2 oktober 2024 uitgesproken ter openbare terechtzitting in aanwezigheid van de griffier.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.