Uitspraak · Arbeidsrecht
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, 1 juli 2026
ECLI:NL:OGEAA:2026:197Zaaknummer AUA202600331
- Instantie
- Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Datum uitspraak
- 1 juli 2026
- Publicatiedatum
- 13 augustus 2026
- Zaaknummer
- AUA202600331
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Arbeidsrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Pensioenpremies. Veroordeling tot afdracht achterstallige premies.
5 DE UITSPRAAK
Het Gerecht:
veroordeelt Iconix om binnen zestig dagen na betekening aan Iconix van deze uitspraak de verschuldigde pensioenpremies ten behoeve van de pensioenopbouw van [verzoekster] over de periode 23 juni 2019 tot 9 december 2024 volledig af te dragen aan ENNIA en daarvan gelijktijdig schriftelijk bewijs aan [verzoekster] te verstrekken;
bepaalt dat Iconix ten behoeve van [verzoekster] een dwangsom van Afl. 500,-- verbeurt voor iedere dag dat Iconix niet aan voormelde veroordeling voldoet, met dien verstande dat Iconix vooralsnog maximaal Afl. 50.000,-- kan verbeuren;
verstaat dat bij de vaststelling van de omvang van de (herstel)verplichting tot afdracht van pensioenpremie rekening wordt gehouden met het voordeel dat [verzoekster] heeft genoten, doordat gedurende de betreffende periode geen werknemerspremies op haar loon zijn ingehouden en zij als gevolg daarvan een hoger nettoloon heeft ontvangen;
veroordeelt Iconix in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van [verzoekster], tot aan deze uitspraak begroot op Afl. 265,-- aan (aan de griffier van dit Gerecht te betalen) verschotten pro deo en Afl. 2.500,-- aan (niet aan de griffier van dit Gerecht te betalen) salaris van de gemachtigde pro deo;
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
verleent aan [verzoekster] toestemming om kosteloos te procederen;
wijst af het meer of anders door [verzoekster] verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.H.M. van de Leur, rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 1 juli 2026 in aanwezigheid van de griffier.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
Beschikking van 1 juli 2026
Behorend bij AUA202600331 EJ
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
BESCHIKKING
in de zaak van:
[Verzoekster],
te Aruba,
verzoekster,
hierna ook te noemen: [verzoekster],
gemachtigde: de advocaat mr. P.M.K. Smit,
tegen:
de naamloze vennootschap
ICONIX BRANDS N.V.,
h.o.d.n. The Athlete’s Foot,
te Aruba,
verweerster,
hierna ook te noemen: Iconix,
vertegenwoordigd door de daartoe gevolmachtigde heer [accountant van Iconix].
1 DE PROCEDURE
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift met producties, ingediend op 4 februari 2026;
- het verweerschrift, ingediend op 6 mei 2026;
- de mondelinge behandeling van de zaak ter terechtzitting van dinsdag 26 mei 2026.
Ter terechtzitting zijn verschenen [verzoekster], bijgestaan door mr. D.G. Kock alsmede de heer [accountant van Iconix] (accountant van Iconix) namens Iconix.
Beschikking is bepaald op heden.
2 DE FEITEN
Als enerzijds gesteld en anderzijds erkend dan wel niet of onvoldoende bestreden alsmede op grond van de inhoud van de overgelegde producties voor zover niet of onvoldoende bestreden staat onder meer het volgende vast tussen partijen.
Verzoekster] is op 21 december 2012 op grond van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd in loondienst getreden bij de rechtsvoorganger van Iconix. Zij verdiende laatstelijk het minimumloon.
De ingehouden pensioenpremies ten behoeve van [verzoekster] zijn tot en met 22 juni 2019 afgedragen, terwijl op het loon van [verzoekster] in ieder geval tot maart 2020 en vanaf januari 2021 tot en met december 2023 pensioenpremies zijn ingehouden.
Op 9 december 2024 heeft [verzoekster] ontslag genomen.
Bij brief van 15 december 2025 is Iconix verzocht en zo nodig gesommeerd om door middel van bewijs aan te tonen dat zij gedurende het gehele dienstverband conform de wettelijke regelingen pensioenpremies ten behoeve van [verzoekster] heeft afgedragen.
Aan bovenvermeld schrijven heeft Iconix geen gehoor gegeven.
3 HET GESCHIL
Verzoekster] verzoekt het Gerecht om bij beschikking uitvoerbaar bij voorraad haar toestemming te verlenen om kosteloos te procederen en;
primair
a. a) Iconix te veroordelen tot afdracht aan ENNIA van de maandelijks verschuldigde pensioenpremies ten behoeve van haar pensioenopbouw over de periode van 23 juni 2019 tot 9 december 2024, zijnde de datum waarop het dienstverband is geëindigd, onder overlegging van bewijs daarvan binnen vijf dagen na betekening van de uitspraak aan Iconix op straffe van een dwangsom van Afl. 500,-- per dag dat Iconix daarmee in gebreke is;
subsidiair
b) Iconix te veroordelen tot betaling aan haar van een bedrag gelijk aan de pensioenopbouw die ten behoeve van [verzoekster] gedurende haar dienstverband zou zijn opgebouwd indien Iconix vanaf 23 juni 2019 haar wettelijke pensioenverplichtingen naar behoren zou zijn nagekomen, te vermeerderen met de wettelijke rente;
primair en subsidiair
c) Iconix te veroordelen in de kosten van de procedure.
Verzoekster] heeft aan haar verzoek ten grondslag gelegd dat Iconix onrechtmatig jegens haar heeft gehandeld, nu zij haar wettelijke verplichting tot afdracht van verschuldigde pensioenpremies niet is nagekomen.
Iconix heeft verweer gevoerd dat voor zover voor de uitspraak van belang hierna aan de orde komt.
4 DE BEOORDELING
Uit het daartoe overgelegde bevoegdelijk afgegeven bewijs van onvermogen blijkt dat [verzoekster] niet in staat is om de kosten van deze procedure te dragen. Aan haar zal daarom toestemming worden verleend om kosteloos te procederen.
Iconix heeft erkend dat zich gedurende een bepaalde periode onregelmatigheden hebben plaatsgevonden met betrekking tot het inhouden en afdragen van pensioenpremies en dat met betrekking tot [verzoekster] vanaf 22 juni 2019 geen pensioenpremies meer zijn afgedragen. Iconix heeft verder aangevoerd dat deze tekortkoming haar niet volledig kan worden toegerekend, nu zij de onderneming heeft overgenomen in de veronderstelling dat uitsluitend de werknemers zouden worden overgenomen en niet tevens de daaraan verbonden pensioenverplichtingen. Iconix heeft verder verklaard bereid te zijn de achterstallige pensioenafdrachten alsnog te voldoen en haar afdrachtverplichting te herstellen.
Ingevolge artikel 10 van de Landsverordening houdende bepalingen met betrekking tot een algemeen pensioenstelsel houdt de werkgever maandelijks het voor rekening van de werknemer komende deel van de verschuldigde premie in op diens loon en draagt dit tezamen met het voor zijn rekening komende gedeelte van de premie af aan de instelling waarmee de werkgever een premieovereenkomst heeft, of aan het ondernemingspensioenfonds waaraan zijn onderneming verbonden is.
Vaststaat dat Iconix de verschuldigde pensioenpremies ten behoeve van de pensioenopbouw van [verzoekster] over de periode 23 juni 2019 tot 9 december 2024 niet heeft afgedragen, terwijl zij daartoe op grond van de wet wel verplicht was. Aldus heeft Iconix niet voldaan aan haar wettelijke pensioenverplichting zoals volgt uit voormelde wettelijke bepaling, zodat zij veroordeeld zal worden tot afdracht van alle verschuldigde pensioenpremies (waaronder zowel de werkgevers- als de werknemersbijdrage) ten behoeve van de pensioenopbouw van [verzoekster] over de periode 23 juni 2019 tot 9 december 2024. De omstandigheid dat Iconix bij het overnemen van de onderneming in de veronderstelling was dat uitsluitend werknemers zouden worden overgenomen en niet de daaraan gekoppelde pensioenverplichtingen, maakt het voorgaande niet anders, nu een dergelijke veronderstelling haar niet van haar verplichting ontslaat.
Het Gerecht voorziet dat de verzochte termijn van vijf dagen na betekening van de uitspraak waarbinnen bewijs van afdracht van de verschuldigde pensioenpremies moet worden overgelegd, onvoldoende is om aan de hierna te melden veroordeling te voldoen. Voordat de verschuldigde pensioenpremies kunnen worden afgedragen en daarvan bewijs aan [verzoekster] kan worden overgelegd, dient eerst een reconstructie van de loon- en premieadministratie te worden gemaakt. Daarbij zal moeten worden vastgesteld over welke maanden werknemerspremies wel op het loon zijn ingehouden, maar niet zijn afgedragen, over welke maanden in het geheel geen werknemerspremies zijn ingehouden en evenmin zijn afgedragen, alsmede over welke perioden de werkgeversbijdragen al dan niet zijn afgedragen. Eerst nadat deze reconstructie heeft plaatsgevonden, kan worden vastgesteld welke pensioenpremies alsnog door Iconix aan de pensioeninstelling dienen te worden afgedragen. Gelet op de omvang van de te verrichten werkzaamheden, wordt een termijn van zestig dagen redelijk en reëel geacht. Het Gerecht zal daarom bepalen dat Iconix binnen zestig dagen na betekening van deze uitspraak de verschuldigde pensioenpremies moet afdragen aan ENNIA en daarvan gelijktijdig schriftelijk bewijs aan [verzoekster] dient te verstrekken.
De verzochte dwangsommen zullen worden toegewezen met een maximum van vooralsnog Afl. 50.000,--.
Voor zover nodig wordt nog het volgende overwogen. De hierna omschreven veroordeling van Iconix laat onverlet dat bij de vaststelling van de omvang van de af te dragen pensioenpremies rekening wordt gehouden met het voordeel dat [verzoekster] heeft genoten, doordat gedurende een bepaalde periode geen werknemerspremies op haar loon zijn ingehouden (waardoor [verzoekster] een hoger nettosalaris heeft ontvangen)[_bb707bcf-c989-4f2c-a053-0aee8eab928a]. [Verzoekster] heeft uit haar loonstroken kunnen afleiden dat geen werknemerspremies zijn ingehouden, terwijl gesteld noch is gebleken dat zij tegen het uitblijven van deze inhoudingen bezwaar heeft gemaakt.
Nu het primaire verzoek wordt toegewezen, behoeft het subsidiaire verzoek geen bespreking meer.
Iconix zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van [verzoekster], tot aan deze uitspraak begroot op (Afl. 50,-- + Afl. 215,--) Afl. 265,-- aan (aan de griffier van dit Gerecht te betalen) verschotten pro deo (griffiegeld en oproepingskosten) en Afl. 2.500,-- aan (niet aan de griffier van dit Gerecht te betalen) salaris van de gemachtigde pro deo (2 punten, tarief 5).
5 DE UITSPRAAK
Het Gerecht:
veroordeelt Iconix om binnen zestig dagen na betekening aan Iconix van deze uitspraak de verschuldigde pensioenpremies ten behoeve van de pensioenopbouw van [verzoekster] over de periode 23 juni 2019 tot 9 december 2024 volledig af te dragen aan ENNIA en daarvan gelijktijdig schriftelijk bewijs aan [verzoekster] te verstrekken;
bepaalt dat Iconix ten behoeve van [verzoekster] een dwangsom van Afl. 500,-- verbeurt voor iedere dag dat Iconix niet aan voormelde veroordeling voldoet, met dien verstande dat Iconix vooralsnog maximaal Afl. 50.000,-- kan verbeuren;
verstaat dat bij de vaststelling van de omvang van de (herstel)verplichting tot afdracht van pensioenpremie rekening wordt gehouden met het voordeel dat [verzoekster] heeft genoten, doordat gedurende de betreffende periode geen werknemerspremies op haar loon zijn ingehouden en zij als gevolg daarvan een hoger nettoloon heeft ontvangen;
veroordeelt Iconix in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van [verzoekster], tot aan deze uitspraak begroot op Afl. 265,-- aan (aan de griffier van dit Gerecht te betalen) verschotten pro deo en Afl. 2.500,-- aan (niet aan de griffier van dit Gerecht te betalen) salaris van de gemachtigde pro deo;
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
verleent aan [verzoekster] toestemming om kosteloos te procederen;
wijst af het meer of anders door [verzoekster] verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.H.M. van de Leur, rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 1 juli 2026 in aanwezigheid van de griffier.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.