Uitspraak · Personen- en familierecht

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, 20 augustus 2019

ECLI:NL:OGEAA:2019:554Zaaknummer AUA201801391

Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Datum uitspraak
20 augustus 2019
Publicatiedatum
30 augustus 2019
Zaaknummer
AUA201801391
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

EJ. Gerecht onbevoegd.

5 DE BESLISSING

Het gerecht:

verklaart zich onbevoegd om kennis te nemen van het verzoek.

Deze beschikking is gegeven door mr. N.K. Engelbrecht, rechter in dit gerecht, ter zitting van dinsdag 20 augustus 2019 in aanwezigheid van de griffier.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 DE PROCEDURE
  2. 2 DE FEITEN
  3. 3 DE STANTPUNTEN VAN PARTIJEN
  4. 4 DE BEOORDELING
  5. 5 DE BESLISSING

Beschikking van 20 augustus 2019

Behorend bij EJ nr. AUA201801391.

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

BESCHIKKING

op het verzoek van

[Verzoeker],

wonende in Aruba,

VERZOEKER, hierna: de vader,

gemachtigde: aanvankelijk de advocaat mr. R.L.F. Dijkhoff, thans de advocaat mr. D.G. De Sousa Croes,

tegen

[Verweerster],

wonende in Argentinië,

VERWEERSTER, hierna: de moeder,

gemachtigde: de advocaat mr. N.S. Gravenstijn,

Belanghebbende:

[minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2012 in Aruba,

de minderjarige.

1 DE PROCEDURE

De procedure blijkt uit:

  • het verzoekschrift, ingediend op 23 mei 2018,
  • de akte uitlating zijdens verzoeker, ingediend op 5 maart 2019,
  • de antwoordakte zijdens verweerster, ingediend op 16 april 2019.

De uitspraak is bepaald op heden.

2 DE FEITEN

2.1

De minderjarige is geboren uit een affectieve relatie tussen partijen en is door de vader erkend. De moeder oefent van rechtswege het gezag over de minderjarige alleen uit.

2.2

De moeder en de minderjarige zijn op 27 september 2017 uitgeschreven van het bevolkingsregister van Aruba met als bestemming Buenos Aires, Argentinië.

3 DE STANTPUNTEN VAN PARTIJEN

3.1

Het verzoek strekt tot wijziging van het gezag, in die zin dat de vader gezamenlijk met de moeder met het gezag over de minderjarige wordt belast, en tot het vaststellen van een omgangsregeling tussen de vader en de minderjarige.

Bij zijn akte van 5 maart 2019 heeft de vader een door partijen ondertekende “Plan Parental” overgelegd en verzocht deze in een proces-verbaal op te nemen, waarna de procedure kan worden geroyeerd.

3.2

De moeder heeft zich in haar antwoordakte ten exceptieve op het standpunt gesteld dat dit gerecht ex artikel 429 ba Rv niet bevoegd is, nu de minderjarige niet in Aruba woont maar in Argentinië. Ten principale heeft de moeder zich op het standpunt gesteld dat de overeenkomst, zoals door de vader is overgelegd, is aangegaan onder een verkeerde voorstelling van zaken, en dat de geldigheid daarvan in een lopende gerechtelijke procedure in Argentinië aan de orde zal worden gesteld.

4 DE BEOORDELING

4.1

Gelet op de omstandigheid dat de minderjarige inmiddels – en nog voordat onderhavig verzoek is ingediend – niet meer in Aruba woont, is allereerst aan de orde de vraag of het gerecht rechtsmacht heeft in deze zaak.

4.2

Ingevolge artikel 429ba van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering van Aruba (Rv) komt aan de rechter geen rechtsmacht toe, indien het verzoek onvoldoende aanknoping met de rechtssfeer van Aruba heeft. Van de relevante aanknopingspunten in zaken betreffende minderjarige kinderen moet het zwaarste - en doorgaans doorslaggevend - gewicht worden toegekend aan de gewone verblijfplaats van de minderjarigen, zijnde het uitgangspunt in het Haags Kinderbeschermingsverdrag 1961 (en ook in de opvolger daarvan, het Haags Kinderbeschermingsverdrag 1996). Ligt de gewone verblijfplaats van het kind, zoals in dit geval, buiten Aruba, dan komt de Arubaanse rechter geen rechtsmacht toe.

4.3

In dit geval is gebleken dat de minderjarige vanaf september 2017 in Argentinië woont, zodat onderhavig verzoek onvoldoende aanknoping met de rechtssfeer van Aruba heeft. Dit leidt tot de volgende beslissing.

5 DE BESLISSING

Het gerecht:

verklaart zich onbevoegd om kennis te nemen van het verzoek.

Deze beschikking is gegeven door mr. N.K. Engelbrecht, rechter in dit gerecht, ter zitting van dinsdag 20 augustus 2019 in aanwezigheid van de griffier.

Wetsartikelen in deze uitspraak

  • Artikel 429ba Rv

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.