Uitspraak · Civiel recht
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, 17 april 2018
ECLI:NL:OGEAA:2018:216Zaaknummer EJ nr. 2596 van 2017/aua201703214
- Instantie
- Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Datum uitspraak
- 17 april 2018
- Publicatiedatum
- 18 april 2018
- Zaaknummer
- EJ nr. 2596 van 2017/aua201703214
- Rechtsgebied
- Civiel recht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig, Beschikking
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
civiel-ej-kinderalimentatie
5 DE BESLISSING
Het gerecht:
bepaalt de bijdrage van [verweerder] in de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarige [kind 1], geboren op [geboortedatum] 2008 in [geboorteplaats], en de minderjarige [kind 2], geboren op [geboortedatum] 2011 in [geboorteplaats], op Afl. 300,--, onderscheidenlijk Afl. 275,-- per maand, met ingang van 1 januari 2018, en in de toekomst telkens bij vooruitbetaling aan de Voogdijraad te voldoen,
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad
Deze beschikking is gegeven door mr. M. Schoemaker, rechter in dit gerecht, ter zitting van 17 april 2018 in tegenwoordigheid van de griffier.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
Beschikking van 17 april 2018
behorend bij EJ nr. 2596 van 2017/aua201703214
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
BESCHIKKING
in de alimentatiezaak tussen
DE VOOGDIJRAAD,
gevestigd in Aruba,
VERZOEKER,
vertegenwoordigd.
en
[verweerder],
wonende in Aruba, [adres],
VERWEERDER, hierna te noemen de vader,
procederen in persoon/niet verschenen.
Belanghebbende:
[de moeder], de moeder.
1 DE PROCEDURE
De procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift, ingediend op 23 november 2017;
- de griffiersaantekeningen van de mondelinge behandeling van 27 maart 2018, waaruit blijkt dat namens de Voogdijraad aanwezig was mevrouw L. Petrochi en dat de moeder in persoon is verschenen. De vader heeft geen verweerschrift ingediend en is, ondanks daartoe behoorlijk te zijn opgeroepen, niet verschenen.
De uitspraak is bepaald op heden.
2 DE FEITEN
Uit de relatie tussen de moeder en de vader zijn de thans nog minderjarige kinderen, [kind 1], geboren op [geboortedatum] 2008 in [geboorteplaats] en [kind 2], geboren op [geboortedatum] 2011 (hierna: de minderjarigen).
De minderjarigen zijn door de vader erkend.
3 HET VERZOEK
Het verzoek strekt tot het veroordelen van de vader, bij vooruitbetaling aan de Voogdijraad, tot betaling van een maandelijkse bijdrage van Afl. 300,-- ten behoeve van de minderjarige [kind 1] en Afl. 275,-- ten behoeve van de minderjarige [kind 2], beide ingaande 1 december 2017 als voorziening in de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarigen. Daartoe wordt aangevoerd dat de vader voldoende inkomen uit arbeid geniet.
4 DE BEOORDELING
Het gerecht stelt voorop dat ouders verplicht zijn te voorzien in de kosten van verzorging en opvoeding van hun minderjarige kinderen. Dit geschiedt naar draagkracht. Artikel 1:406 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (hierna: BWA) bepaalt, dat in het geval een ouder zijn verplichting tot voorziening in de kosten van verzorging en opvoeding niet of niet behoorlijk nakomt, zowel de Voogdijraad als de andere ouder de rechter kan verzoeken het bedrag te bepalen dat deze ouder ten behoeve van het kind zal moeten uitkeren.
De vader heeft geen gebruik gemaakt van de aan hem geboden gelegenheid zich te verweren. Gelet op de draagkracht van de moeder, de behoefte van de minderjarigen en op het ontbreken van enig verweer, acht het gerecht na te melden door de vader te betalen bijdrage per maand in de kosten van verzorging en opvoeding in overeenstemming met de wettelijke maatstaven. De alimentatieverplichting zal een maand later dan verzocht ingaan, omdat de vader geacht kan worden niet eerder van het verzoek te hebben kennisgenomen.
5 DE BESLISSING
Het gerecht:
bepaalt de bijdrage van [verweerder] in de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarige [kind 1], geboren op [geboortedatum] 2008 in [geboorteplaats], en de minderjarige [kind 2], geboren op [geboortedatum] 2011 in [geboorteplaats], op Afl. 300,--, onderscheidenlijk Afl. 275,-- per maand, met ingang van 1 januari 2018, en in de toekomst telkens bij vooruitbetaling aan de Voogdijraad te voldoen,
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad
Deze beschikking is gegeven door mr. M. Schoemaker, rechter in dit gerecht, ter zitting van 17 april 2018 in tegenwoordigheid van de griffier.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.